Maandag 28 juli 2008

Het was even wennen de eerste dagen. Wilde te veel tegelijk: snel naar het noorden en toch zoveel mogelijk van mijn leuke plekjes aan doen. Dat ging dus niet. De auto speelt daarbij een grote rol. Het huisje voldoet;P1030366_2 er moeten nog wat oneffenheden worden weggewerkt. Maar dat komt vanzelf onderweg. De auto heeft het heel moeilijk. Hij moet ontzettend z’n best doen om het gele gevaarte heuvel op te krijgen. Een paar pk-tjes meer zouden niet onwelkom zijn. Wat me echt zorgen baart, zijn de remmen van de oplegger. Het lijkt alsof ze alsmaar blokkeren. Dat kan niet goed zijn. Als ik te gedoseerd rem, heb ik het gevoel dat een steigerend paard me van achteren bespringt.
Tot nu toe nog niet op een camping gestaan. Het is overigens niet makkelijk telkens een beetje aardig plekje te vinden om de nacht door te brengen. Op de foto sta ik geparkeerd half op de inrit naar het vliegterrein van een club modelbouwers. Misschien moet ik ook wat meer lef krijgen om gewoon ergens in een straat te gaan staan. Dat je dan je te kijk zit, moet je dan maar voor lief nemen.P1030378Om contact te houden met het thuisfront ben ik lid geworden van Fon.com. Via deze gemeenschap zou het mogelijk moeten om draadloos bij medeleden vanaf de straat in te loggen. En verdomd het is gelukt. Eerst ben ik in een stad gaan uitzoeken waar mede-Fonero’s zitten. Via de bibliotheek, die hier gewoon op zondag open is(!), kon ik voor noppes het internet op en kijken wie er in buurt zit. Er vervolgens naar toe gereden en voor de deur geparkeerd. Algemene consternatie in de straat, zo’n doodlopende tak aan een veel grotere boom. Het was stralend weer, dus iedereen buiten in de tuin. De vrouw des huizes begreep helemaal niet wat ik kwam doen, haar man -een thuis werkende ict-er- gelukkig wel. Ik was de eerste die gebruik kwam maken van zijn public access. In een oogwenk was ik ingelogd en via Skype met mijn zus in Nederland aan de praat. Het enige nadeel van Fon is dat als je ergens bent, eerst te weten moet komen waar je medeleden zitten. En moet nagaan of ze in de lucht zijn; de meeste zijn dat namelijk niet. Ik ben benieuwd wie er de komende maanden bij mij thuis inlogt. Met een tijdklok wordt dagelijks mijn draadloze router van 14.00 tot 20.00 uur standby gezet.
Wat me steeds meer opvalt, is de gezelligheid van Engelsen. Binnen de kortste ben je met ze aan de praat. Ook zonder mijn opvallende, gele monster in de buurt. Het summum was wel dat ik met iemand mee moest om in haar huis iets bijzonders te bekijken. En je raadt het nooit: in de hal een hele tafel vol met kleine jeneverkruikjes in de vorm van oude, bestaande huizen in Amsterdam (vroeger waren dat presentjes van de KLM).

Plaats een reactie