Maandag 16 maart 2009

Begin van de week een paar dagen op bezoek geweest bij oude vrienden in Lissabon. Het plan was dat Ronald een stukje mee zou reizen. Een onverwachte oproep voor een galblaasoperatie gooide roet in het eten. Maandagmiddag laat ging hij onder het mes en dinsdagavond zat ie al weer mee aan tafel in een restaurant te eten. Pijnlijk maar het ging. Blijkbaar heeft hij toch te veel van zichzelf gevergd, want net krijg ik bericht dat hij weer opgenomen is met forse infectie.
Had ik mijn reis nog wel zo degelijk, virtueel voorbereid. Blijken er onderweg nog veel meer vindplaatsen van allerhande oudste zijn. Zo groeit mijn belangstelling voor de Keltiberiërs (vorige keer noemde ik ze Lusitaniërs, maar het gaat nog steeds over dezelfde mensen). Mede omdat er hier erg veel van te vinden is. Niet altijd even makkelijk en soms helemaal niet. Zoals eergisteren toen er nadrukkelijk iets werd aangekondigd. Weg af, na een paar kilometer gaat de asfaltweg over in een zandpad, fiets gepakt, weer kilometers gereden maar niets te vinden. Schijn ik volgens plaatselijke ingewijden toch net te vroeg de moed te hebben opgegeven. BrugPortugal is een waar camperland. Je kan/mag overal staan, tot pal aan het strand. Al 2 keer ben ik een soort Bestrating_3kolonie terechtgekomen. Hoe zuidelijker ik kom, des te meer staat me dat wachten naar ik heb vernomen. Gelukkig zijn de meesten nogal bangelijk en durven niet ergens op hun eentje te overnighten. Van de week het waarlijk wonderschone Mirobriga bij Santiago do Cacem bezocht. Dat moet in de toekomst nog veel en veel interessanter worden als er meer wordt blootgelegd. Dan komt er echt een stadje uit de grond te voorschijn. Alhoewel je nu ook al een goed beeld kan vormen van straten met daaraan grenzende winkels, het forum met tempels en administratieve gebouwen. Op het laagste punt -om verzekerd te zijn van water-weer badhuizen.
Badhuis_2Na zoveel badhuizen begin je er wat oog voor te krijgen, maar deze zijn  werkelijk prachtig. Met name omdat de functionele opbouw goed zichtbaar is. Probeer je in te leven aan de hand van de foto’s. Op de overzichtsfoto kom je opzij achter de ronde kamer (vestiaire?) op de voorgrond binnen in de kleedruimte met banken aan zijkant. Daar weer achter, onder het golfplaten dak een koud bad. Naar rechts en weer naar voren resp. warme en hete ruimten met opnieuw baden. Op een andere foto zie je door het gat in de vloer dat er onder de vloeren door warme lucht cq. rook van houtvuren kon stromen. En als je goed kijkt, zie je midden boven de voorzetmuur waarachter de warme lucht ook weer omhoog trok. Op het eerste gezicht lijkt dit principe heel eenvoudig, maar het was in de praktijk een heel gedokter om de circulatie zo te krijgen dat alles egaal verwarmd werd. Een kleine kilometer van het stadje vandaan ligt een van de weinige hipodromen (renbaan voor paardenraces), die op het Iberisch schiereiland teruggevonden zijn. Eigenlijk is daar niets meer van de zien, dan alleen met wat goede wil de buitenranden en het middenperk waaromheen rond werd gereden met meerspannen. Gelukkig stond er een bord.Lapidarium
Nog drie andere dingen die ik bezocht, zijn het vermelden waard. Allereerst een streekmuseum in Odrinhas, waar grafmonumenten zijn verzameld. Eigenlijk was het museum voor herstel gesloten maar toch werd het licht overal aangedaan en kreeg ik een persoonlijke rondleiding in het Engels. Ik hoopte dit keer bij Setubal Troia te kunnen bezoeken. Zeven jaar geleden had ik er al eens voor een dichte deur gestaan. Nu dus weer; er is echter ’n sprankje hoop. Elke eerste zaterdag van de maand zijn ze wel even open. Misschien ga ik er voor (terug). In de buurt Viszouterijin Creiro overigens een veel kleinere viszouterij gevonden (stond niet op mijn lijstje, 2 sterren).
Het is opvallend hoeveel prachtige, nieuwe musea er zijn gekomen. Dan zie je dat Europees geld toch een goede bestemming krijgt. In Alcazer do Sal staat er zo een. Onder een klooster, nu pousade (luxe hotel),zijn over elkaar heen gebouwde
heiligdommen van resp. die Lusitaniërs en Romeinen, Visigoten en Moren blootgelegd.Vervloeking In een heilige bron uit de Romeinse tijd is een loden plaatje met inscriptie gevonden, waarmee een vervloeking werd uitgesproken. In dit geval blijkt iemand bestolen te zijn en roept ie goddelijke hulp in om z’n spullen weer terug te krijgen en de dader(s) te straffen.

Plaats een reactie