Maandag 13 april 2009

Fietsen in Cordoba is een ramp. Er zijn een paar fietspaden vagelijk getrokken over stoepen, maar dat zijn hoofdroutes door de stad. Daartussen is het één groot eenrichtingsverkeer doolhof, helemaal afgestemd op de auto. Ontheffingen voor fietsers om tegendraads te kunnen rijden, kennen ze niet. Gevolg een hardhandige confrontatie met een automobilist, die met het fenomeen fiets naar het scheen totaal onbekend was. Hij gelukkig de krassen en ik niks. We verstonden elkaar toch niet, dus maar verder gereden.
In de bibliotheek mijn weblog bijgewerkt. Op een andere manier kon er ik er mijn mail niet ophalen. Romeinse_brugTe rade gemoeten bij een van de spaarzame internetcafé’s. Is Cordoba wel een toeristenstad? Hoe moet dat 2016, als ze culturele hoofdstad van Europa is? Wanneer gaan al die mensen eens op Engelse les? Men wist alleen van het bestaan af van Ubuntu maar verkocht wel mini’s met linux… In de buurt van Almodóvar del Campo staan op de kaart ruïnes van Romeinse mijnen, Minas de San Quintin.
DoopvontIk denk dat ik ze gevonden heb, maar er stond geen enkele verwijzing. Het waren merkwaardige rotspartijtjes, zomaar verloren in een verder groen en glooiend landschap. Wat er gewonnen werd, ook redelijk recent nog zo te zien, is me een raadsel. Iets wits, zout of zwavel?
Volgende halte is Granàluta de Calatrava. Hier moet een oppidum zijn uit de bronstijd. Maar er  blijkt meer te zijn. Een opgraving van paleo-, neolithisch, ibericoromano en ga maar door. En een aanduiding van een Romeinse brug. Een eind verderop gevonden, verstopt in het struweel.
Oppidum_granalutaBegeleidend bord in verre staat van ontbinding, nog even en de brug is ook verdwenen.
Somtijds voel ik me een ware ontdekkingsreiziger. Tegen beter weten in door blijven lopen en fietsen en dan beloond worden. Maar ook
Oppidum_granaluta_2 van stommigheden. Weer een keer de bocht te kort genomen. Nu met gevolg linker band van de caravan lek en velg zwaar beschadigd is. Een laag muurtje niet gezien. Daartegenover staat dat achteruit steken steeds beter gaat. Nu dus nog vooruit… De opgraving blijkt inderdaad een allegaartje van alle tijden door en over elkaar. Meeste indruk maken de graven en een doopvont waarin mensen moesten staan, uit de tijd van de Visigoten.
Aan de andere kant, de noordkant van Granàluta is het oppidum uit de bronstijd. Niet aangedurfd de zandweg op te rijden, maar ben gaan lopen. Heuvel op heuvel af. Zag in
elke heuveltop al een potentiële kandidaat. Stug volgehouden en na een half uur sta je dan ineens voor een echt fort. Er is niemand bij, maar er zijn paden aangelegd. Vaak overwoekerd, erg veel publiek trekt het dus niet. Er wordt duidelijk nog verder gewerkt aan reconstructie. Altijd een moeilijke discussie. Als je het niet doet, blijft het voor de meeste mensen een hoop stenen. Doe je het wel, dan kan je flink de fout in gaan. Historische voorbeelden hiervan te over, zoals Evans op Kreta Cervantesen Schliemann in Troje.
In een foldertje over de Ruta de Don Quijote een parque archeologia aangetroffen. Ergens in de buurt van. Er langs gereden en teruggereden, geen bordje te bekennen. Al op weg naar de volgende bestemming staat er ineens een pijl. Weer zo’n zandweg. Fiets gepakt en gaan rijden, Calatrava_la_vieja kom ik na kilometers uit waar ik eerder had gezocht. Staat er wel een bordje maar nauwelijks zichtbaar. Teruggefietst, auto opgehaald, caravan afgekoppeld en met alleen de auto verder gegaan. Intussen ook nog de band verwisseld! Na 8 km rurale, onverharde weg blijkt het parque een van de belangrijkste Moorse forten (alcazar met medina) te zijn die bij de verovering van Spanje de route Cordoba – Toledo moest controleren. Genaamd Qal’at Rabah, verspaansd in Calatrava (la Vieja). Al met al beide keren een heel gezoek maar het resultaat mag er zijn. Dacht dat dat me ook een derde keer zou lukken. Mooi niet. De suppoost van het museum in Daimiel weet mee te vertellen dat het oppidum aldaar  gesloten is na opgravingswerkzaamheden. In het museum Comarcal staat een model. Er blijkt ook aanvullWindmolentjes_2ende info over het oppidum bij Granulata en het alcazar Calatrava la Vieja te zien. Om de dag compleet te maken doorgereden naar Consuegra, te laatste halte voor Toledo, waar de Romeinen een 650 meter lange muur als een soort stuwdam hebben neergezet. Sta voor de nacht naast de arena met hoog boven me de molentjes van Don Quijote. Als je bij Toledo aankomt, valt het zicht op de stad ontzettend tegen. De mooie, El Greco kant ligt net aan de andere kant van de stad. Maar als daar dan ook staat, vergeet je snel de eerste indruk. In Toledo ben ik te gast bij iemand die al tientallen jaren daar woont. Met haar bezoek ik  de stad en een paar van de vele processies die gehouden worden in de paasweek. Processie_2Processie_1Iedere dag is er van alles en nog wat aan lijden te beleven. De een in stilte, de ander met veel kabaal en fanfare-muziek. In het museum Santa Cruz is de archeologische afdeling weer eens voor de verandering gesloten.  Maar er is gelukkig meer te zien. Zoals ergens onder de bestaande bebouwing een stukje romeins badhuis met een Toledoondergronds aquaduct of een hoofdleiding voor de stad net na een waterkasteel. En niet te vergeten een museumpje over de Visigoten in een moskee die na de reconquista kerk werd. Net als in het Mezquita van Cordaba waren de Moorse bogen beschilderd met heiligen (w.o. Christoffel die sinds kort op mijn dashboard prijkt), evangelisten en heel groot het laatste oordeel. Halletje_2Boven Toledo ligt Carranque. Hier is een villa rustica ontdekt waarvan bijna mozaïekvloeren nog intact zijn. Sinds donderdag is het guur en koud. Op mijn rit naar Avila moet ik  door tamelijk hoog gebergte, langs de weg lag zelfs sneeuw. Onderweg een stop  gemaakt bij Toros de Guisando (een voorbij San Martin de Valdeiglesias).Oceanus Ik had geen enkel idee wat dat zou zijn. Des te verrassender is het dan plotsklaps oog in oog te staan met 4 levensgrote, granieten stieren op een rij, maar liefst uit de 4de eeuw. Een praatje gemaakt met een Spaans, ook gepensioneerd lerarenechtpaar dat onderweg was van Valencia naar Santiago vanwege de Santa Semana. Ze konden me vertellen wat een despoblado is: een verlaten dorp. Want daar ga ik er meerdere van bekijken… Nou ja dan, kan leuk zijn. Bij Cardenosa lag het eerste: Despoblado de las Cogotas (gelijknamig aan het aangrenzende stuwmeer of andersom?). Misschien is het wel een dorp dat verzwolgen is? Niets daarvan, het is weer een oppidum, nu uit de ijzertijd. Dat ziet er dus goed voor de komende dagen. Dit keer ben ik met caravan en al de zandweg opgereden. TorosEen gokje dat gelukkig goed uitpakte. De stikdonkere nacht doorgebracht op de hoogvlakte, vlakbij het castro. Zondag en vanmorgen wakker geworden in de vrieskou, niet binnen maar buiten. De ramen van auto waren stijf bevroren. Op naar een ander oppidum, Castro de ‘La mesa de Miranda’ bij Chamartin. Qua oppervlakte veel groter dan het vorige en met een necropool met tumuli. Vandaag nog een in deze streek. Dan ga ik me langzaam naar het  zuidwesten bewegen, richting Portugal.

Plaats een reactie