Maandag 9 april
Op de fiets een rondje Meknes, een van de koningssteden, gedaan. De oude stad wordt inderdaad gedomineerd door een gigantisch paleis (eigenlijk 12 paleizen) met binnen de vele meters hoge ommuring een 9 holes golfcourt, de geëgaliseerde tuin uit 1672(!).
De straatjes in de medina zien er hier net weer wat anders uit. De koranschool Medersa Bou-Anania zit ergens in de souk verstopt, toegankelijk via een nietig poortje. Geen echte bezienswaardigheid was de graanschuur uit dezelfde vervlogen tijden. Wel indrukwekkend. Even overwogen een nachtje over te blijven. Toch maar verder gegaan, op weg naar wat warmte. In het donker bereikte ik Azrou aan de voet van het Atlasgebergte. Zat niets anders op omdat de geplande camping nog niet open was. Merkte de volgende morgen dat ik een sprookjeswereld terecht was gekomen. Een investeerder uit de VAE was hier helemaal losgegaan (zie http://www.morocamping.com). Voor de somma van € 3,60 de nacht werd ‘s-ochtends gratis stokbrood aan huis afgeleverd…
Dinsdag 10 april
Wakker geworden in de sneeuw! Bleef zo de hele over/doorsteek van het Atlasgebergte. En warempel aan de andere kant scheen de zon.
Woensdag 11 april
Nog 997 kasbah’s te gaan. De eerste 3 zitten in de pocket. Allemaal in verregaande staat van verval. De oorspronkelijke bewoners wonen er vlakbij in wat beters. Alhoewel, zo aan de buitenkant zie je dat er niet direct vanaf.

Donderdag 12 april
Hoorde dat gisteren een Algerijns militair vliegtuig bij de grens is neergestort. Onder de betreuren slachtoffers schijnen zich een 20-tal leden van het Polisario te hebben bevonden. Dat laatste roept hier zeer gemengde gevoelens. In 1991 sloten Marokko en het Polisario een wapenstilstand over de omstreden Westelijke Sahara. Maar tot een definitieve oplossing is het nooit gekomen. Eind april as loopt het mandaat van de VN-missie af, die de kemphanen uit elkaar probeert te houden. Misschien heeft het daar wat mee te maken. Geruchten gingen dat het Marokkaanse leger in paraatheid was gebracht. En inderdaad onder weg zag je her en der militaire posities langs de weg en materieelverplaatsingen. In Errachidia was er overigens totaal niks van te merken, in de grote militaire basissen aldaar. 100 jaar geleden nog aangelegd door het Vreemdelingenlegioen van de Fransen tijdens de bezetting. De grootste sensatie vandaag was dat mijn Visa-kaart werd opgegeten door de geldautomaat. Had op een verkeerd knopje gedrukt. Het duurde wel even voordat een meneertje met de verlossende sleutel van het apparaat verscheen.
Vrijdag 13 april
Ik volg al een paar dagen de Oued Ziz. De rivier met haar bronnen in de Atlas heeft een diep dal uitgesleten. Telkens te zien vanuit andere invalshoeken. Dan weer rijd je er vlak langs in een soort oase van dadelpalmen.
Om even later van bovenaf vanaf de hoogvlakte de groene slang in de diepte te zien liggen. De totaalindruk van het landschap roept alleen maar associaties op met de maan. Eén beige wildernis. Al sinds mensenheugenis is leven alleen mogelijk nabij de rivier. Daar liggen dan ook al die langzaam aan wegsmeltende kasbah’s (versterkte dorpen) en ksour (vestingen/paleizen).
Zondag 15 april
Kom steeds dichter bij de Sahara. Nog een kilometer of 40. Daar begint het zand. Ben inmiddels in Rissani, gelegen midden in een oase. In vroegere tijden lag de stad aan de karavaanroute van Timboektoe naar Fez. Het stikt er van de kasbah-achtige complexen.
Een tweetal met in het centrum een voormalig paleis, worden in oude glorie teruggebracht. Naar ik inschat een zeer moeizaam proces. Immers d’r wonen allemaal mensen in die zich stukken hebben toegeëigend als onderkomen.