Nou, die mag vandaag wel eens extra vertroeteld worden. Bedoel m’n nieuwe fiets. Heeft de eerste uitdaging over onverharde paden en helling op helling af moeiteloos doorstaan. Voor mij was het stevig aanpoten, zo zonder hulp van derden… Maakte even een uitstapje naar dolmen El Labradillo. Even de teleurstelling verwerken dat dolmen de Soto toch gesloten was. Dat ondanks de openingstijden op de site. Voor de 2de keer dus m’n neus gestoten! Zie op de oude foto’s dat ik toen verder ben gekomen dan nu. Kon nog een blik naar binnen werpen door de toegangshek. Dat is niet meer mogelijk met de gemoderniseerde entree.




Ja, ik ben weer op stap. Ruim week in en rond Cádiz doorgebracht. Erg veel tijd verdaan aan het vinden van een oplossing voor de koelkast die het niet doet en de verloren gegane fiets. Heeft wat hoofdbrekers gekost. Uiteindelijk bleek het simpel; alles dat ik nodig had was op voorraad bij Decathlon. Een simpele elektrische koelbox. Ben benieuwd hoe lang die het volhoudt, staat al dagen continu aan. En een fiets voor weinig met voorvering, schijfremmen en derailleur met 11 versnelling. Dat allemaal voor nog geen 400 eurootjes.

Over Cádiz valt ook na deze week niet zo heel veel meer te vertellen. Het oude gedeelte is een aardig stadje, zoals zo vele. Alles is makkelijk te voet bereikbaar. In een paar uur heb je alles wel gezien. Hebben die cruisemensen goed bekeken. Het fenicische verleden is in de stad zelf nauwelijks terug te vinden. Behalve dan in weer zo’n heel apart geconserveerde opgraving. Dat zie je hier wel meer (zie reis vorig jaar). Enwel tussen/onder de fundamenten van in dit geval een theater. Het gaat om een romeinse vissausfabriek waar allerlei soorten smaken garum werd gemaakt in grote basins. Bij verder graven bleek die weer te staan op de resten van fenicische bewoning.

Wat buiten Cádiz is een echte fenicische stad gevonden, Doña Blanca. Zal z’n naam wel te danken hebben aan de vondst van een paar imposante grafkisten.

Het bezoek aan een opgraving is een blijft iets voor fijnproevers. Een stuk vrijgemaakte stadsmuur, wel 5 meter hoog. Of dan die 2 – ja wat zijn het – bekkens waar de druiven met mensenvoeten geplet werd voor de wijn. Prachtig toch? Even de drone uit de kast gehaald. Kijk dat levert een aardig plaatje op van wat woningen die tegen de stadsmuur zijn aangebouwd. Doña Blanca lijkt midden in het land te liggen. Toendertijd, 3000 jaar geleden, lag het pal aan nu verzande binnenzee, die reikte tot aan Sevilla.


Mijn zoektocht naar nieuw have en goed heeft zich zelfs uitgestrekt tot in Jerez de la Frontera. De stad van de sherry. Overal bodega’s. De stad wekte een armelijke indruk alhoewel er mooie dingen te zien. In het archeologisch museum een aardig staaltje van voortschrijdend inzicht. Twee zandstenen zuiltjes. Altijd aangezien voor symbolen van het oermoederschap. Toch gewoon grafmonumentjes?

Heeft Jerez de naam gegeven, de bodega van die alom bekende zwarte stier, Osborne, staat in El Puerto de Santa Maria. Kwam daar terecht op aanraden van een vriendin, had er goeie herinneringen aan. Een ideale plek om pal aan het strand te kunnen staan. Klopte allemaal. In het weekend stond ik er echt niet alleen. Jammer voor al die mensen en voor mij, op het strand was het niet om uit te houden, je werd er gezandstraald door een constante, keiharde koude wind vanuit zee. Op de foto is het er nog druk.

Gelukkig was er een soort open monumentendag. Op tal van plaatsen hielden de patio’s open huis.



Vanuit El Puerto kan je met een veerboot oversteken naar Cádiz. Leuk tochtje, met mooi zicht op een van de enorme bruggen.


























































