Schiedam 21 mei 2024

Weer thuis. Was nog een heel gedoe in Frankrijk. Kwam terecht in gigantische files. Toute France kwam blijkbaar van vakantie terug. Ik zou het anders ook niet weten. Noodgedwongen nog meer N- en D-wegen bereden dan op de heenweg. Een regelrechte sentimental journey. Je waande je 60 jaar terug in de tijd. Kilometers lange kaarsrechte tweebaanswegen met af een toe dat ene stukje driebaans voor de jachtige rakkers, om de trage medeweggebruikers te kunnen aftroeven. Ze zijn er nog de campings municipales, in ieder geval de bordjes ervan, ik heb er geen gebruik van gemaakt. Wonderschone dorpjes passeer je, dwars er door heen, dat wel. In het noorden heel wat minder fraai, echt veel armer dan midden en zuid Frankrijk. Ze lieten daar ook duidelijk merken niet van al dat verkeer gediend te zijn. Alle plaatsnaamborden hingen der op z’n kop. Het is ook echt te gek hoe ritsen, enorme vrachtwagens zich door die gemeenschappen heen wringen. Ik kan niet goed begrijpen waarom ze van die wegen gebruik maken. Puur kosten? Voor de lol doen ze het zeker niet. Al dat oponthoud door verkeersdrempels, rotondes, stoplichten (altijd op rood), invalide scootmobielen, tractoren en niet te vergeten de slechte wegkwaliteit m.n. in die dorpen (moeten ze zeker zelf onderhouden want daar buiten gaat het best). Het was eens maar nooit meer. Toch jammer, vond er fantastische leuke overnachtingsplekkies.

Het afscheid van Spanje was niet makkelijk. Niet in de laatste plaats vanwege Tarragona! De kers op de taart. Voor mij veel te zien in de stad maar ook daar buiten. En dat in combinatie met einde middag bijkomen aan het strand. Geweldig, zeker als het weer ook nog meezit en er geen stormwind van zee waait. Want dat doet het er flink in deze tijd van het jaar. Loop helaas het twee weken durende festival Tarraco Viva, El festival Romà de Tarragona, mis. Begon net deze week.

De stad heeft op nogal wat plekken resten uit die tijden blootgelegd. Niet allemaal even indrukwekkend, het amfitheater springt er echt uit. Er is middenin een kerk gebouwd door de Visigoten (bezochten Spanje in de tijd tussen de Romeinen en weer andere nieuwkomers, de Moren). Maar eigenlijk veel bijzonderder is dat je onder de grond door de gangen van een heus circus, waar de beroemde paardenraces met vierspannen werden gehouden, kan dwalen. Bovenop die gangen waren de tribunes, waarvan een stukje zichtbaar is.

Dit alles ten koste van Barcelona. Had een heel Gaudi-programma op de rol staan. Nada dus. Geen Sagrada Familia, dan maar volgende jaar, dan misschien eindelijk helemaal af na maar liefst 142 jaar bouwen. Me tevreden moeten stellen met het Gaudi-museum in Reus, zijn geboorteplaats. Daar werd aanschouwelijk gemaakt hoe hij zijn kerkgebouw op z’n kop heeft ontworpen. Het stad had onverwacht in het verlengde van Gaudi (schatplichtig?) veel meer schoons te bieden. Een heel scala aan art nouveau panden. Kreeg pas later door dat de meeste ervan van binnen te bezichtigen zijn.

Even buiten Tarragona mag niet onvermeld blijven Centcelles en het Aquaduct de les Ferreres. Laatstgenoemde verzag de stad van drinkwater. Centcelles is een laat romeins gebouw dat door hergebruik als kerk en boerderij de tand des tijds heeft overleefd. Wat de oorspronkelijke functie ervan was, is niet duidelijk. Op een van koepelplafonds zijn delen van een mozaïek aangetroffen.

Bij het scheiden van de markt in La Jonquerra, op de grens met Frankrijk, nog vlug even het Museo Memorial Exili (MUME) bezocht. Was het meest uitgesproken over de Spaanse burgeroorlog van meer dan 80 jaar geleden. Duidelijk republikeins, tegen de militaire coupe van Franco. Kan ook wat makkelijker in het (bij de recente verkiezingen iets minder) separatistische Catalonië. Afgelopen maanden bezocht ik er diverse van, durfden duidelijk hun vingers niet te branden aan dit heikele onderwerp dat tot op de dag van vandaag Spanje diep verdeeld houdt. Beperkten zich tot in in beeld brengen van de ellende die elke (burger)oorlog met zich brengt voor de bevolking. Het MUME besteedt aandacht aan het lot de honderdduizenden Spanjaarden die in 1939 op de vlucht sloegen. De meesten naar Zuid-Frankrijk waar ze in allerlei noodopvang terecht kwamen en vervolgens nadat Frankrijk onder de voet was gelopen door de Duitsers, de terreur in concentratiekampen mochten smaken! Velen konden/wilden niet vluchten, wat ze nog duurder kwam te staan. Op tientallen plekken in het land vinden opgravingen in massagraven plaats om de toen standrechtelijk vermoorden een naam te geven. Al eerder besteedde ik daar aandacht aan.

Valencia Meliana 6 mei 2024

Zo in de loop van de jaren heel wat archeologische musea afgestruind. Het aantal vuistbijlen uit vervlogen tijden, de oneindige variatie aan potjes en pannetjes en dan al die scherven; niet te filmen. Je ziet ze nog wel maar je kijkt er niet meer naar. Slechts nog op zoek naar dat ene uitzonderlijke. Dat was dit keer in Valencia el Centro Arqueológico de l’Almonia.

Een museum boven op een opgraving waar als het ware de hele geschiedenis van de stad op een paar honderd vierkante meter wordt tentoongesteld. Romeinse resten, een straat met bebouwing. Daar weer tussen een stukje kerk en graven uit de Visigoten-tijd. Een door de Moren hergebruikt badhuis. En dat alles aanschouwelijk gemaakt met videopresentatie, waar vertrokken vanuit de zichtbare resten vervolgens een beeld wordt gecreëerd van hoe het er in werkelijkheid zou kunnen hebben uitgezien. Je moet er even de tijd voor nemen, maar dan heb je ook wat. Echt fantastisch gedaan. Een regelrechte vondst was de inval van daglicht via een vijver met glazen bodem.

In Spanje is het overbouwen van opgravingen niet ongebruikelijk. Liet al eerder zo’n staaltje zien van een Moors wijkje aan de voet van het alcazaba in Almería. In Sagunto hetzelfde laken en pak. Flatgebouwen bovenop een villa romana en een paar kruisende straten uit dezelfde tijd.

Sagunto is een niet missen stadje. Boven alles uit steekt een immens kasteel. Maar er is een in gebruik zijnd romeins theater. Een prachtig oud binnenstadje met joodse roots. Een kerkje met de paastronen die het hele lijdensverhaal uitbeelden. Een heuse calvarieberg; het is er allemaal.

Terug naar Valencia. Er heel wat afgefietst. Veel imposante gebouwen, oud en nieuw. Overdekte markten, de een voor juppen de ander nog voor dagelijks gebruik. En dan natuurlijk het onvermijdelijke Ciudad de las Artes y de las Ciencias van de hand van architect Calatrava. Alsof Stars wars op aarde is geland.

Bracht de nachten door helemaal aan de rand van de stad, ver weg in een buitenwijk in een soort volkstuincomplex. Zou bij ons toch niet moeten flikken. Hier geen enkel commentaar, werd vriendelijk toegezwaaid door de tuiniers. Heel wat andere omstandigheden dan de dagen ervoor. Toen stond ik op een soort hei van tijm, denk ik. Het rook in ieder geval lekker. Met dagelijks bezoek van een kudde schapen. Misschien wat eenzaam maar ik vond het er heerlijk. Prima uitvalbasis om nog wat iberisch erfgoed op de omliggende heuvels/bergen aan te doen. Overigens met wisselend succes. Hele ochtend besteed om met fiets hobbelend over kilometers lange bospaden een poblado iberico te benaderen. Kwam alleen aan de verkeerde kant uit, bij een steile rotswand. Terug dus, naar de andere kant. Kilometers omrijden, nu met de auto. Kon je er tot aan de voordeur komen. Alleen jammer kwart voor 2. Ja, dan sluit hier de boel voor enkele uren. Dat blijft maar moeilijk wennen.

De iberische kultuur, dus van ver vóór de aangewaaide feniciërs, grieken en romeinen, kende een eigen taal en schrift. Op zich niks bijzonders. Maar het gekke is, we kunnen het lezen maar weten niet wat er staat. Het wachten is op een nieuwe Champollion die de Egyptisch beeldtaal ontdeed van haar raadselen.

Villena 29 april 2024

Vannacht m’n tweede dekbed er bij gepakt; vanmorgen de kachel aan gehad. Het wil hier ook nog niet echt zomeren. Alhoewel afgelopen week was het best heel aardig. Ben toch binnen geraakt in het Picasso museum. Heb de rij maar voor lief genomen. Stond nog in de verkeerde keu ook; die van de mensen die tevoren een kaartje hadden gekocht. Zie je op een afstand niet. Echter tijd genoeg om alsnog een ticket te kopen via internet. Het meest spraken mij zijn litho’s aan.

Daarna doorgelopen naar zijn geboortehuis, net met een wat andere invalshoek.

Malaga wordt overlopen door grote, georganiseerde groepen toeristen. Niet dat er geen stillere plekjes te vinden zijn. Zeker in de winterstalling van de paastronen. Kwam ook nog terecht in een heuse pro-palestijnse demonstratie. Voor het eerst, verder merk je d’r helemaal niets van.

Laatste paar dagen nog snel de draad opgepakt. Ben niet verder zuidwaarts getrokken. Maar teruggereden richting Murcia. Jammer voor dat dorpje Marinaleda waar een ouwe communist de scepter zwaait. Had ook de plastische vormgeving van de beroemde foto van Capra, van de neergeschoten, achterovervallende milicien, in Espejo willen zien. Allebei verloren gegaan in de brij aan spelden van de te bezoeken plekken. Volgende keer wat anders organiseren; meer in rubrieken kastelen, dolmen, museo arqueológico etc. die afzonderlijk op te roepen zijn. Nu stond te hooi en te gras alles door elkaar op de kaart in rood.

Diverse zgn poblado iberico aangedaan in Totona en Almoloya. Bewoond geraakt zo’n 2500 jaar vChr over een periode van zeker 1000 jaar. Begroeven hun overledenen in huis. Wordt heden ten dage ook nog gedaan, dacht in bv Vietnam, wat ik me herinner. De drone opnieuw van stal gehaald. Maar het waaide een beetje hard. Daardoor durfde ik boven op de berg niet al te hoog te vliegen, waardoor een echt mooi totaaloverzicht ontbreekt. Valt me op dat op de archeologische sites heel nadrukkelijk geprobeerd wordt het verleden invoelbaar te maken. Niet alleen kale muurtje maar dummy’s van gevonden resten worden teruggeplaatst of nagebouwd.

In Elx / Elche de geromeiniseerde stad Ilici bezocht. Een opgraving voor fijnproevers. Het wereldberoemde beeld van La Dama de Elche was er niet in het echt zien. Dat is veilig opgeborgen in Madrid. De fascinerende buste van een vrouw werd onder pre-romeinse muurresten gevonden. Waarschijnlijk uit 400 vChr, duidelijk is de gelijkenis met een Cartaagse godin. Het is overigens niet wat lijkt, het is nl. een urn. In haar rug zit een groot gat met daar achter een holte waarin verbrande resten zijn gevonden.

Malaga 22 april 2024

Eindelijk dan in Malaga en nog wel pal aan het strand! Het er gistermiddag gelijk van genomen. De voorkant blijkt wat beter zonnebestendig dan de achterzijde. Op zondagmorgen geprobeerd het Picasso-museum te bezoeken en nog paar highlights. Geen beginnen aan, rijen van hier tot Tokyo. Zag later een zeekasteel uitvaren, kijken of dat verlichting gaat brengen. In ieder geval had het Museo de Malaga er totaal geen last van. Een serene rust aldaar, zolang je maar in de goeie looprichting voortbeweegt. Zoniet, terug naar af. Spanjaarden zijn streng, zo praten ze en kijken ze veelal. Ondanks al die zon, misschien desondanks. Voor een tijdgenoot – misschien wel een voorloper, José Moreno Villa – is er ruim baan gemaakt. Komende dagen maar nog eens proberen een vergelijk te maken.

Van de week niet veel geestelijke verrijking opgedaan. Dagen bezig geweest met mijn verhuiswagencombinatie (ook wel eens genoemd de bunker, patatwagen of spaceshuttle). Had al onder het rijden gemerkt dat de luchtcompressor voor de remmen van de caravan overuren maakte. Bij onvoldoende luchtdruk begint ie nl. op de rem te staan. Bleek gelukkig iets onschuldigs; een doorgeschuurde slang. In Malaga als eerst een bezoek aan een bouwmarkt gebracht en een extra zonnepaneel aangeschaft. Heeft een mooi plekje op dak gekregen; raakt daar wel een beetje vol met exemplaren die het nauwelijks nog doen.

Zonnedak

Meestentijds doorgebracht in Antequera. Ook al op zo’n mooie standplaats met uitzicht op het voor oorsprong moorse alcazaba en medina.

Dat was de niet de reden om er naar toe gaan. Dat waren twee enorme dolmen. Ze hebben er een soort park van gemaakt. Misschien zag het er duizenden jaren vCh ook zo uit? Brengt je desalniettemin niet echt in dat echte oergevoel.

Nee dan al die uitingen van het rijke rooms leven. Die weten daar wel raad mee.

Naast alle uitbundige, kerkelijke feestdagen beschikt Spanje over een schier onuitputtelijke folkore. In het verleden maakte ik al eens enorme optochten mee van de Moros y Cristianos. Onvoorstelbaar, in de categorie romeinse vierspanraces, nee nog groter.

Moros y Cristianos
Moros y Cristianos

Baza herdenkt jaarlijks dat een man uit het naburige Guadix honderden jaren geleden een Mariabeeld heeft proberen te stelen, een zekere Coscamorras. Deze onverlaat ziet zich heden ten dage voor de taak gesteld ongeschonden, dwz zonder bevuild te raken in een kerk een goed heenkomen te zoeken. Hij heeft als enige verdediging een een vlegel, stok met een stukje ketting en aan eind nu geen kogel maar iets zachters. Dat lukt hem natuurlijk van geen meter want hij moet dat zien te klaren in een uitzinnige, duizendkoppige menigte die van top tot teen in de zwarte motorolie is gedompeld… Hoe kom je der op.

Lucena 15 april 2024

Het zou Granada in één dag moeten zijn geworden. Het Alhambra, ach nog een keer, nee dus. Gemiste kans waarschijnlijk, toch! In 1492, het jaar van de ‘ontdekking van Amerika, vertrok hier de laatste moorse vorst. De reconquista, de katholieke jihad had gezegevierd na 400 jaar strijd. Ik had mijn zinnen gezet op Frederico Garcia Lorca, de bekendste schrijver van Spanje na Cervantes.

En wat minder op de componist Manuel de Falla. Ze waren bekenden van elkaar. Ik heb het niet helder gekregen waarom hij in 1939 emigreerde naar Argentinië. Waarschijnlijk was ie sympathisant van de republiek en leek het hem verstandig weg te wezen aan het eind van de burgeroorlog? Nog vreemder is zijn terugkeer na zijn dood in 1946. Blijkbaar wilde dictator Franco postuum mooie sier maken met de Ravel van Spanje. Even luisteren naar El amor brujo (behekste liefde, kan dat?) op Youtube, prachtig! Een mens kan zo te zien aan de plank medicijnen in zijn huis, heel mooie muziek maken met forse maagklachten…

Granada houdt de nagedachtenis van Garcia Lorca in ere met een wonderlijk beeld van hem (had hij echt zo’n waterhoofd?), het huis van zijn ouders en een heus studiecentrum met in de kelder een expositie van het schrijfwerk van de man. Helaas niets vertaald ter toelichting. Ik bleek buiten Granada naar hem op zoek te moeten. Eerst naar zijn geboortehuis in Fuente Vaqueros, niet open.

Door naar Valderrubio waar hij zijn jeugd (alleen vakanties?) heeft doorgebracht op een soort boerderij. Aandoenlijk zijn kamertje te zien, met bed, lampetkan en bureautje. Sliep kamer en suite met z’n ouders. Pal om te hoek woonde Bernarda Alba met haar 5 dochters, die ze nauwelijks in bedwang kon houden en beschermen tegen de veranderende tijden. Ze bestond dus echt en niet alleen in het toneelstuk Het huis van BA.

Uiteindelijk naar Viznar waar Garcia Lorca noodlottig aan zijn eind kwam in 1936 op 38-jarige leeftijd vermoord door de militaire coupplegers, al vroeg in de burgeroorlog toen ze voet aan de grond kregen in het zuiden. Hij wordt herdacht met een verlaten, wat verpieterd parkje. Vlak in de omgeving kwam ik jongeren tegen die bezig zijn een massagraf bloot te leggen. Wie weet wordt hij daar ooit teruggevonden. In het hele land is men daarmee bezig. Een zeer controversieel onderwerp; als ik liedjes uit de burgeroorlog draai, zet ik de radio maar niet al te luid. Honderdduizenden slachtoffers zijn 85 jaar na dato nog steeds naamloos vermist

Het werden wat meer dagen in de buurt van Granada. Stond prachtig bij een verlaten steengroeve. Dat was niet het probleem maar mijn stroomvoorziening. De zonnepanelen laten het afweten. Goed dat ik met zo veel liefde m’n metertjes in de gaten hou. Dagenlang stad en land afgereden, nergens te krijgen, ja over 2 weken, tegen woekerprijzen. Geloof de oplossing te hebben gevonden in Malaga. Ben rustigjes onderweg daar naar toe. Doe intussen zuinig aan, wat niet meevalt bij 27º.

Laat me maar niet gek maken, anders had ik toch mooi twee alleraardigste musea gemist met de fraaiste vondsten uit lokale opgravingen, waarvan helaas maar een te bezichtigen was: villa romana de Ruedo. De tafel in de ontvangstruimte van de in wezen een herenboerderij was nog net niet gedekt. Rond een fonteintje lagen ze daar op een halfrond plateau lekker te schranzen met op de achtergrond een klaterende waterval.

In tegenstelling tot bv Italië zijn hier de opgravingen van enig belang goed afgeschermd. Daar vond ik altijd wel ergens een gat in het hek. De uitschuifbare ladder moest er aan te pas komen. Het is gelukt.

PS Even klikken op de foto en ie wordt groter, als het goed is.

Gorafe 8 april 2024

Zouden die moderne tinyhousers ook dat gevoel hebben? Heerlijk douchen met een waterzak die opgewarmd is in de zon.

De koelkast een tandje lager zetten als de zonnepanelen weinig opbrengen. Of gebiologeerd zitten turen naar de steeds wisselende meterstanden die de zonnekracht in harde cijfertjes weergeven (met rechts de ladingstoestand van de accu’s). Denk dat ik morgen voor het eerst zelf wat ga koken… De Uitgekookte voorraad is op en een tussendoortje met arroz negro kon me maar matig bekoren.

Afgelopen week eigenlijk maar op 2 plekken gestaan. Voor het gesloten hek van de opgraving Los Millares. Kwam er op maanmiddag aan, bleek pas op woensdag weer de deuren te openen. Me geen moment verveeld.

De tijd gedood door over omliggende heuvels en dalen te dwalen op zoek naar de buitenkampen die het dorp uit de bronstijd beveiligden. De rest van de week doorgebracht in de directe omgeving van Gorafe met honderden hunebedden. Kan je het nog beter treffen…

Trechterbekers

Beide locaties zijn druk bewoond geweest in de jaren 2500 tot 1500 vChr. Maakten deel uit van de trechterbeker cultuur. Inderdaad dezelfde als die van de hunebedden in Drenthe. Dat heeft iets onwaarschijnlijks. Van hoog in het noorden tot op Sicilië, allemaal dezelfde herkenbare gebruiksvoorwerpen. Kan niet anders dat er toen al heel wat contacten over en weer moeten zijn geweest.

Los Millares voor toenmalige begrippen gewoon een grote stad. De ommuringen en buitenkampen doen vermoeden dat die edele wilden weinig zachtzinnig met elkaar omgingen. Met voorouders had men meer consideratie, gelet op de prachtige graven.

Gorafe ligt in een aardspleet.

Gorafe

Van de toenmalige bewoning is weinig zichtbaar gemaakt. Is er wel geweest, want waarom die honderden graven?

Helaas helaas zoals meestal, de kwantiteit stond niet borg voor kwaliteit. Me in die contreien voornamelijk per fiets voortbewogen. Niet alleen oog gehad voor wat we aanzien voor cultuur. Waande me even Van der Poel na een veldrit van 25 km met 400 meter dalen en daarna weer stijgen.

Je kan geen voorstelling maken van hoe de aarde – naar ik begreep in de laatste 6 miljoen jaar van haar bestaan – zo vlak bij elkaar totaal verschillende landschappen heeft gecreëerd. De volgende dag had ik overigens minder praatjes… Toch nog puf gehad om nog een keer het stalen ros te bestijgen om een kijkje te nemen bij een ‘natuurlijk’ aquaduct. Eerst met de drone in beeld gebracht, later vanaf een aanpalende rots, ook niet slecht.

Almería 1 april 2024

Twee dagen van eenzame opsluiting zitten er op. Wat een pest weer, net met de paasdagen. Al dagen zijn de bergen vlak achter Almería in nevelen gehuld. Zou die kant op moeten maar nu even niet. Ik had gelukkig nog een bakje overheerlijke nasi, uit NL meegekregen. Dat heeft heel veel goed gemaakt! Waar waren we gebleven? In Lorca. Mijn hernieuwde kennismaking met het rijke roomse leven. Vandaar verder gereden naar Cartagena aan de kust. Al eerder was het me onderweg opgevallen hoe verwoestijnd Spanje er uit ziet. Nauwelijkse enige begroeiing, kale rotsen met wat struikgewas. Alleen maar verlaten en vervallen huizen, boerderijen, wat zou het allemaal geweest zijn?

Ik heb het dan niet over ergens diep in de binnenlanden maar eigenlijk vlak achter de kust. Net op de overgang naar de bewoonde, toeristische werkelijkheid verschijnen dan opeens ware sneeuwvlaktes, een soort kassen van plasticfolie. De inpakkunst van de familie Christo is er niets bij. Wat er wordt verbouwd, geen benul, geen enkele aanduiding. Hoe die aan water komen in deze totaal verdorde omgeving, net zo’n raadsel.

In Cartagena m’n hart kunnen ophalen aan nog massalere processies. Proefde bij een wat opgeklopt nationalisme. Niet toevallig bij een kazerne met veel militair vertoon en groot applaus bij uitspraken over een verenigd Spanje (dacht het goed verstaan te hebben).

De volgende avond heb ik uren staan blauwbekken bij de ‘grande’ met wel heel weinig berouw, boetedoening. Begeleidende muziekkorpsen brachten evenmin hartverscheurende klanken voort, slechts gebeuk op trommen. Eigenlijk was het puur spektakel; halen de mannen onder de tronen de bocht wel of niet. Het hele lijdensverhaal kwam voorbij. Van laatste avondmaal tot aan Pontius Pilatus die zijn handen in onschuld wast terwijl de massa brult: ‘Laat zijn bloed over ons en onze kinderen komen’. Heel toepasselijk in deze tijd…

Er leek geen eind aan te komen; vond het om half één wel welletjes. Me thuis lekker opgewarmd met een paar borrels van hetzelfde adres als de nasi. Overdag tijd genoeg gehad om van alles en nog wat te bekijken in de stad met een rijke historie.

Van oorsprong fenicisch, genaamd Nieuw Carthago (kolonie van echte Carthago aan de overkant in Tunesië). Was het vertrekpunt van die beroemde veldtocht van Hannibal over de Alpen naar Rome. Een heel klein stukje stadsmuur herinnert aan die tijd en een elders opgedoken vrachtscheepje. Nog geen 9 meter lang en geladen met in Spanje gedolven lood. Meer is er over van wat romeinen daarna hebben achtergelaten.

Vandaag dus nog even in Almería. Van het paasgewoel weinig gemerkt, ook niet meer opgezocht. Stad wordt gedomineerd door enorm moors alcazaba. Recent is een stukje wijk aan de voet van het kasteel, toen Almería nog Al-Mariya heette, blootgelegd.

Almería alcazaba
Alcazaba

Het is 1 april, verloor Alva toen niet zijn …?

Mazarrón 26 maart 2024

Voornemens, ja voornemens voor wat ze waard zijn. Niets dus. Met enige bombarie aangekondigd de hele paasweek – Semana santa – in Malaga te zullen doorbrengen. Ben niet verder gekomen dan Lorca in de buurt van Murcia. Daar zou iets speciaals te beleven zijn. Wagenrennen à la de romeinen, midden in de stad. Echt iets voor Palmpasen. Overdag al liepen overal mensen verkleed in tunica’s rond. De avond zelf was een deceptie. Het regende bakken uit de hemel en het stormde.


Triest, een uitverkocht huis. Geen kaartje meer te krijgen. Ben zelf lekker thuis gebleven. Met zo’n weer vanonder de tribunes wat mee zitten gluren, was me net iets te veel. Wel de start van de heilige week mee mogen maken op zaterdagavond.

Alle broederschappen gaven acte de présence. De maagd Maria opende het bal op een draagstoel met 17 man en een vrouw eronder van de zwarte broederschap. Een lichtgewicht vond ik het; bij eerdere gelegenheden heb ik wel eens honderd man hun ruggen zien krommen. Komende dagen krijgen de andere kleuren een kans. Zij mogen het lijdensverhaal gaan verbeelden.

In 5 dagen ben ik naar Murcia gekard, toch nog 2200 km. Eens niet de gebruikelijke tolwegen door Frankrijk genomen maar zo veel mogelijk de routes nacionales. Daardoor in verschillende steden een tussenstop gemaakt i.p.v. op een parking langs de grote weg. Of zo maar ergens wild gekampeerd, midden tussen de wijngaarden.