Maandag 27 juli 2009

Ineens zit ik weer in Engeland en heb ik Wales achter me gelaten. Had me voorgenomen wat meer vaart te gaan maken. Bij het doornemen van mijn routeplan merkte ik te weinig op te schieten. De opdracht nu is per dag minimaal 2 villa’s, graftombes en/of hillfort per dag af te hoppen. Moet lukken. Alhoewel…

Van het uiterste puntje links onder van Wales heb ik in 3 dagen tijd  viaC armarthen, Margam, St. Nic(h)Margamolas, Caerleon en Caerwent de zuidkust gerond. Heel veel verschillende dingen gezien. In Margam een piepklein museumpje met vroegchristelijke grafstenen. Bij St. Nicolas2 graftombes. In Caerleon was een heel legioen (meer dan 5000 mensen) langdurig gehuisvest. Caerwent_2Rond het fort ontstond een stad waarvan het amfitheater het meest in het oog springt. Caerwent verraste me het meest. Dat is een echte Romeinse stad geweest waarvan bijna de hele ommuring zo goed als overeind staat. Als afsluiting van Wales tot slot op de grens met Engeland bij Chepstow een stuk van Offa’s Dyke gelopen.

De rivier de Severn overgestoken, zo’n beetje waar die uitmondt in zee. Twee enorme hangbruTinkinswoodggen verbinden hier Wales en Engeland met elkaar. Van daaruit richting noorden een ommetje gemaakt naar Chedworth,Belas_knap Cirencester en Uley. Respectievelijk een villa, nog iets van een amfitheater en een paar steentijd graven. De laatste hebben hier een heel ander model. Ze zijn langwerpig en er werden meerdere mensen in begraven. Men schat dat het maken van zo’n graf gauw 17.000 uur vergde. Een enorme inspanning, zeker als je in overweging neemt dat men nog nomadisch leefde en verder trok als de grond was uitgeput.

Bath_1Nu ben ik in Bath met haar beroemde badhuis dat al duizenden jaren gevoed wordt door een onderaardse warmwaterbron. Nog elke dag wordt vanuit kilometers diepte een miljoen liter bijna kokend heet water naar boven gestuwd. Een deel wordt maar gebruikt vooBath_2r het bad; de rest wordt afgevoerd naar een rivier. In de 19e eeuw is het echt kuuroord geworden en zijn op de resten in neoklassieke stijl allerlei frutsels gezet die niets met de werkelijkheid van toen te doen hebben. Het zwembad Bath_3(dus maar een heel klein stukje van het badhuis!) en de bron zijn nu open, niet meer overdekt. De koninklijke familie had een heilig vertrouwen in de geneeskrachtige werking van het (eigenlijk) zwaar vervuilde grondwater. Ze ging er regelmatig een bad nemen. De bron was een donker hol waar contact werd onderhouden met de goden in de onderwereld.

Mijn principe om wild te willen kamperen brak me van de week een beetje op. Drie 3 nachten op rij slecht geslapen. Langs daverend verkeer en onduidelijke bewegingen van auto’s en mensen op de parkeerterreinen in de nacht waren daar debet aan. Inmiddels weer een beetje bijgeslapen. Omdat ik veelal de avonden ergens langs de weg doorbreng, heb ik wat DVD’s gekocht. Zoals de films van Monty Python en een paar Engelse seriesvan de BBC: Life on Mars en Ashes to ashes. De serie Prime Suspect met Helen Mirren in de hoofdrol heb ik nu compleet! Het is een alternatief voor mijn satelliet-TV die ik maar niet aan de praat krijg. Op reis door Portugal en Spanje heb daar nooit naar getaald. Daar kon je ook altijd wel ergens in de stad een plekje vinden en had je zo een uitloop. Hier is dat bijna onmogelijk. Openbare parkeerterreinen zijn er nauwelijks; het is altijd betalen en de meeste gaan ‘s-avonds op slot. Zowel op bedrijfsterreinen als bij superstores. In woonwijken probeer ik niet eens. Engeland is één grote tuinstad waar voor de bewoners al nauwelijks voldoende parkeergelegenheid is. Nog afgezien van de nauwe straatjes die ik dan door moet mijn verhuiswagen. Want dat is natuurlijk toch de grootste belemmering  die ik heb. Gisteren nam ik een verkeerde afslag en reed pardoes een gated area in. Dat zie je hier wel vaker. Kleine wijkjes met dure huizen waar mensen zich vrijwillig laten opsluiten achter een hoge muur. (Je zal toch nare buren hebben…) Geen enkele ruimte om een draai te maken. Onder belangstelling van de buurt na veel heen- en weer steken, er toch uit gekomen. Konden ze wel waarderen.

De econoCharitas_3mische crisis laat zich in de UK maar moeilijk vangen. De economie is meCharitas_4t iets van 4% Charitas_1_2gekrompen. De consumptie is daartegen over weer met gegroeid ten opzichte van vorig jaar. Iederdag lees ik afwisselend The Indepenent en Guardian en luister veel naar de BBC4. Dus wat ik opsteek, komt uit die hoek. De crisis schijnt in ieder geval goed uit te pakken voor het aantal geweldsmisdrijven. De Charitas_2theorie is dat jongeren minder te besteden hebben. Dientengevolge minder gaan stappen en in een dronken bui over de schreef gaan. Het aantal Charitas_5winkeldiefstallen is toegenomen. Dus het kan wel eens kloppen. Het zijn ook barre tijden voor de charitas-instellingen. In Nederland kennen we dat verschijnsel niet. Maar hier runnen heel veel goede doelen tweedehands winkels, met boeken, schoenen en kleren. Midden inde stad komen je er zo tien tegen. Ik vroeg me al af wat dat allemaal oplevert. Waarschijnlijk de wet van het getal. Want ze zitten werkelijk overal, in de kleinste plaatsjes. Nu is het probleem dat de mensen te weinig afschuiven, weggeven om door te verkopen. In de supermarkten Charitas_6merk je ook dat mensen de hand op de knip houden. Vorig jaar was is er in de grote zaken heel veel fair trade aanbod. Dat is nu bijna helemaal verdwenen.

Verzoeking van de week: een van de kastjes niet vergrendeld. Gevolg: hele inhoud, waaronder een doos met bitjes (van die schroefdingen), in de rondte gestrooid. Het is niet de eerste keer dat zoiets gebeurt. En het zal wel niet de laatste keer zijn. Ik weet nog steeds niet zeker hoe het komt. Vergeet ik nou telkens alles goed dicht te doen? Kan heel goed want al snel zie je een van de vele laatjes of deurtjes over het hoofd. Of mankeert er toch wat aan de slotjes? Ze hebben nogal wat te doorstaan met dat enorme geschud van de caravan.

Maandag 20 juli 2009

Het is net alsof ik op vakantie ben. Maar af en toe werk ik aan mijn ‘missie’. Sinds woensdag sta ik al op een camping in St. David. Het kan niet anders, wil je een beetje in de buurt van de zee staan. Het is een uiterst simpele. Heel veel grasvelden, een paar WC’s en water. Verder niets. Nou ja, als je de tientallen opgeschoten jongeren niet meetelt. Van de week zijn hier de schoolvakanties begonnen. Nog geen last van gehad, ofschoon ze volgens mij geheel op bier draaien. Eten zie ik ze nooit. Ik geloof dat mijn keuze om de kust aan te houden, wel goed is. De weerberichten zijn iedere dag weinig opbeurend. Maar net als in Nederland speelt de narigheid zich gelukkig achter mijn rug af. Eigenlijk is het om de dag wel aardig zonnig. Niet warm, hooguit een graad of 18. Eén dag was het bar en boos. Toen regende het echt 24 uur lang aan een stuk door. Op de radio waren continu berichten van overstromingen en landslices. Het geen strandweer, dat komt door de kouwe zeewind. Maar wat doe je dan zo lang op één plek? Nou niet lachen, dan ga je golfen (of is het golven?)! Pal tegenover de camping is een 9-holes baan. D’r is een clubhuis waar je je naam in een boek schrijft en geld in een brievenbus gooit. En vervolgens kan je aan de slag. Niemand die je verder iets vraagt. Het is wel even wennen zo’n echte golfbaan. Wat een afstanden. Het is zo heuvelachtig dat je zelfs de vlag niet ziet. Om niet helemaal het spoor bijster te raken staan tussendoor ook nog palen. Net als in de bergen langs de weg. Jaren geleden heb ik het een beetje geleerd in Vlaardingen op een half zo grote baan. Dan speel je met lichtere balletjes, die minder ver wegvliegen. Wel zo handig eigenlijk. Want als je nu een beetje uit koers raakt, dan hakt het er ook wel heele rg in. Nu was ik na 9 holes bek af. Meer dan 2 uur rond moeten marcheren met al die stokken op mijn rug. Het resultaat is tot nu toe niet om naar huis over te schrijven. Het is ontzettend wisselend. De ene keer sla ik par (doe over een baantje het aantal slagen wat ervoor staat). En dan schiet ik weer helemaal in de min. De meeste moeite heb ik met de zgn. ‘houten’ stokken. Dat zijn die met een enorme puist aan het uiteinde. Erg vervelend, want die heb je juist hard nodig op de lange afstanden van 300/400 meter tussen afslag en green (daar waar het putje zit). Uit armoe sla ik ze maar in drieën,maar dat hoort natuurlijk niet. Zo maak ik onnodiHenllys_1g veel slagen.Henllys_2

Nu ik terugblader in mijn agenda, heb ik toch wel het een en anderbekeken. Maandag liep ik in de regen over Castell Henllys, even voorbij Cardigan. Op dit hillfort wordt actief gegraven en is men tegelijk bezig  Henllys_5Henllys_7de werkelijkheid van toen (de ijzertijd van 1000 voor Chr.) in de praktijk te Henllys_3_2brengen. Allerlei mogelijke Henllys_4opties van huizenbouw staan er bijvoorbeeld. Maar ook machines voor houtbewerking, die werken met hele simpele middelen. Ondanks deHenllys_6 ijzertijd waren metalen pannen een grote luxe. Eten koken of iets opwarmen gebeurde indirect. Men verhitte stenen in het vuur en gooide die vervolgens in een aardewerken pot met inhoud.

De volgende dag was het de beurt aan een graftombe, een stonecircle en nog een hillfort. Pentre_ifanDe graftombe Pentre Ifan staat een beetje symbool voor Celtic Wales. Het was er danook een komen en gaan van mensen. Dit ondanks of juist vanwege het matige weer. Bij het hillfort en de stonecircle was ik overigens weer de enige. Even overwogen het hillfort Foel Drygam maar te laten voor wat het is. Ik begin begrip te krijgen voor bergbeklimmers. Het is natuurlijk volstrekt zinloos om als zoveelste naar boven te klimmen. Maar toch kan je het nietlaten. Via de schapenpaadjes zigzag de heuvel  opgeklauterd. Boven waren de omwallingen van rotsblokken nog goed zichtbaar, wel goeddeels overgroeid met gras natuurlijk. Met daarbinnen hopen stenen die eens woningen en dergelijke waren. StonecircleGors Fawr was niet veel. Later hoorde ik van iemand dat van die plek de stenen voor Stonehenge, honderden kilometers zuidelijker in Cornwall, zijn weggesleept. Dat lijkt me stug; controleer ik t.z.t.als ik zo ver ben.Foel_drygam

Woensdag een fors wandeling gemaakt naar St. Davids head, waar het ijzertijd fort Castell Heinif en de steentijd graftombe Coetan Arthur liggen. Het hillfort deed me erg aan die in noord Spanje denken. Een rotskaap in zee. Op de verbinding met het vasteland was een verdedigingswal gebouwd. Voor mijn inmiddels geoefende oog duidelijk herkenbaar. Netals 5 grote ronde huizen. Het vinden van de graftombe ging me wat minder makkelijk af. Bijna het hele schiereiland rondgelopen, in de verwachting het graf ergens op een helling met goed zicht op zee aante treffen. Lag het dit keer net wat meer landinwaarts. Maar toch ook zo dat het een prachtig uitzicht had. Dat merkte ik toen ik op de terugweg op een afstand van een km nog een keer omkeek. Bij het zoeken naar dit graf een paar keer echte, lange afstand wandelaarsaangesproken. Wonderlijk dat die van niets wisten, er ook helemaal geen belangstelling voor hadden.

In St. David zelf het bisschoppelijk paleis uit de 13de eeuw bezocht.Het is een ruïne maar een mooie met vCarreg_sampsoneel uitleg en historische toelichting. Toen bestond al het House of Lords waarin deze nazaat van de kerstenaars uit Ierland qualitate qua qua te zitting had. Omdathet nog redelijk vroeg in de middag was met auto naar een andere graftombe, Carreg Sam(p)son, gereden. Was een leuk gezicht bij aankomst. Het ding stond midden in weiland met koeien, waarvan enkele erin lagen uit de zon. De dag besloten met het wegbrengen van de was naar een laundrette, lag de volgende dag om 12 uur droog en wel voor me klaar.

Maandag 13 juli 2009

Het is omdat er een hillfort stond, want anders was ik er van m’n levensdagen niet terecht gekomen. WaLlangranodt jammer was geweest. Want Llangranod, eens een vissersdorpje, bleek een alleraardigst vakantieplaatsje te zijn geworden met een stukje strand en wat verderop een paar baaitjes. Waar het goed toeven bleek in de zon. Een beetje beschut tegen de straffe zeewind die grote golven richting kust stuurde. Me opnieuw in zee gewaagd. De watertemperatuur vroeg wel enige acclimatisatie voordat je door bent.

Grollo ‘s-Avonds waande ik me even bij Cuby in Grollo. In een café trad een band op. Ik had de auto met allerlei symbolen erop zien staan en dacht aan iets Keltisch. Waren het een stel oude mannen die 60-er jaren nummers vol verve ten gehore brachten. Zo te zien had de plaatselijke jeugd er wat moeite mee.

Van de week een beetje zoekende geweest. Op dinsdag was ik eigenlijk al door mijn programma heen, maar bleef toch hangen omdat me een paar mooie staplekjes aan de hand was gedaan. Maar het weer wilde niet meewerken. Dan weet je de woensdag nog nuttig te besteden aan inkopen doen en voor 2 weken vooruit te koken. De donderdag wordt dan een dagje wachten op wat niet komt. Vertrek je P1040576 vrijdag, kom je terecht in een natuurpark, het Snowdonia National Park. Een aaneenschakeling van kronkelwegen, 20% hellingen op en weer 35% terug. Geen moer te zien, je rijdt door een geluidswal van ondoordringbare wouden. Tot je weer aan de kust komt. Maar die staat dan vol met uitgestrekte containerdorpen, waar je nog niet dood aanGarn_boduan_1getroffen zou willen gaan, laat staan je vakantie doorbrengen. Ik moet zeggen dat ik me Wales ook heel anders had voorgesteld. Ruig en leeg. Erg veel mensen wonen er inderdaad niet per vierkante kilometer. Maar ruig… Het is voornamelijk heuvelachtig en alles is groen en in cultuur gebracht. En het is ontzettend toeristisch tot nu toe.

Dinsdag de hele dag besteed aan het bezoeken van 2 hillforten uit de ijzertijd (bewoond vanaf 800 voor Chr.). Dat was dus 2 keer bijna een uur berg op lopen en niet weten waar je uitkomt. Bij toeval beide gevonden; er staat totaal niets aangegeven. Het is telkens maar gokkTrer_ceiri_1en welk Garn_boduan_2public footpath je in slaat. Pas op de plek zelf, tref je als het meezit een bordje aan. Maar alle moeite wordt meer dan beloond. Fotootjes Trer_ceiri_3vanaf de grond Trer_ceiri_4geven Trer_ceiri_2geen goede indruk. Hoe leg een steenmassa vast? Vanuit de lucht krijg een totaalbeeld van de ommuring, de woningen en de omgeving. Dat vertelt wat. Zeker als je er zelf niet bij bent. Voor mij geldt het zoeken, het vinden en er doorheen, er tussendoor wandelen. Daar kan geen plaatje tegen op. Deze 2 waren overigPen_dinas_aberystwythens wel heel uitzonderlijk, omdat je nog zo goed de structuur en bebouwing kon zien.

De meeste hillforten zijn gewoon, hoge, kale heuvels/bergjes met als het meezit resten van aarde wallen en grachten.

GB zit in de greep van het ene schandaal na het andere. Waren wekenlang de politici het mikpunt. Nu zijn de pijlen gericht op Murdoch’s News of the world, dat iedere dag smeuïge verhalen bij elkaar schijnt te harken door het telefoonverkeer van Jan en alleman af te luisteren. Verder worden veel aandacht besteed aan de Britse slachtoffers in Afghanistan en de cricketwedstrijden tegen Australië.

Ik heb veel plezier van de radio. BBC3 is klassiek en BBC4 lijkt op Radio5 bij ons, maar veel informatiever, meer discussies en lezingen. BBC2 zal wel lijken op Radio 2, vlotte muziek, praatjes en leuk doende radiovrouwen en -mannen. Ontzettend melige grappen (zgn? van luisteraars) worden daar gedebiteerd. BBC1 schijnt te bestaan, nog maar een keer toevallig aangetroffen.

Maandag 6 juli 2009

Vaak kom je iets tegen wat niet in het programma thuis hoort, maar desondanks niet te versmaden valt. Van de week was dat een luchtvaartmuseum en een kanaal-aquaduct (het heeft een echte naam, ik weet het niet meer). Het RAF-museum besteedde veel aandacht aan afgeblazen projecten die Engeland -na Raf_1het debacle met het eerste passagiersvliegtuig met straalmotoren, de Comet, dat helaas verschillende keren door metaalmoeheid in de lucht uit elkaar spatte- weer op de kaart moest zetten als bouwer van gevechtsvliegtuigen. Een enorme hal was Raf_2volgehangen met een stukje recent verleden, de Koude oorlog. Vriend en vijand staan nu broederlijk naast elkaar. Je kan je bijna niet voorstellen dat het nog maar 20 jaar geleden is, het lijkt al weer langer. Jongeren van nu zullen zich wel afvragen, waar ging dat allemaal over. Maar leuk voor oudjes zoals ik.
Pontsysyllte_1_2Het aquaduct van Pontcysyllte is een van de vele -we zitten vlakbij Coalbrookdale met de  Iron Bridge- hoogstandjes uit het begin van de industriële revolutie, eind 1700 begin 1800. Het overbrugt een dal met een rivier en vormt het verbindingsstuk in een kanaal voor de typische narrow boats. Een wonderlijk transportsysteem dat qua maat en omvang helemaal op elkaar afgestemd was. De kleine bootjes pasten precies in de kanaaltjes, sluizen enz. Hetzelfde systeem kent Frankrijk maar dan voor een veel groter scheepstype, de Spits. De een paar honderd meter lange ijzeren bak van net iets meer dan 2 meter breed, die bovenop tientallen meters hoge pilaren ligt, is nog steeds in gebruik. Maar nu voor pleziervaart.Pontsysyllte_2_2
Het was tegelijk mijn kennismaking het Offa’s Dyke. Een soort Hadrian wall, langer maar wel alleen van aarde op de grens van Engeland en Wales. Hij is aangelegd rond 790 na Chr. De functie ervan was niet de een of de ander buiten de deur te houden, want er ontbreken hele stukken. Naar het schijnt bewust en met het oogmerk onderling verkeer van mensen en goederen te reguleren. Het is maar hoe je het bekijkt. Een neef heeft vorig jaar de hele route gelopen. Hij heeft hiervan een uiterst leesbaar en interessant verslag op papier gezet. Ik denk dat ie dat wel beschikbaar wil stellen aan mensen die zich hierop willen stukbijten.
Dus in Wales aangekomen. De een na de andere onuitspreekbare plaatsnaam met dubbele LL-en en ritsen van medeklinkers achter elkaar zie ik voorbij flitsen. De dubbele LL spreek je uit als sj, dat scheelt al weer.Wales had de bijzondere belangstelling van de Romeinen vanwege de metalen in de Great_ormegrond. Bij Llandudno is men zo’n kopermijn aan het uitgraven. Sinds plus minus 2500 voor Chr. zijn hier mensen in de weer geweest om de aders malachiet en andereSteenhamers koperverbindingen tussen vnl. kalkgesteente weg te hakken met hertengeweien en grote kiezelstenen. Echt ongelooflijk. Aanvankelijk in de vorm van dagbouw, maar later via gangetjes tot 50 meter diep onder de grond. En misschien wel dieper, maar zover is men nog niet met het blootleggen van de Great Orme mijn.Antwoord gekregen op mijn vraag hoe die metaalrijke aderen kunnen voorkomen in de kalksteen. Het zijn 2 verschillende processen. Het binnenste van de aarde bestaat uit een kern van zware elementen, waaronder metalen. In de stenen buitenschil kwamen in de loop van de miljoenen jaren door aardbewegingen en drukverschillen kilometers diepe scheuren en spleten. Die zijn volgelopen met dat vloeibare spul uit de aardkern, dat een weg naar boven vond en daar stolde. Dolmen_1Het weer is een groot verschil met vorig jaar. Een aantal dagen was het eigenlijk te heet oDolmen_2m wat te doen. Daarom blijven hangen bij een dolmen in de buurt van Llanfairpwllgwyngill.  De volgende dag zelfs aan het strand gezeten en in zee gezwommen.

Ik zit nu in Caernarfon, waar de Romeinen een fort  in stand hielden om de haven te bewaken, die gebruikt werd als stapelplaats voor het koper. Het is de bekende plattegrond, rechthoekige ommuring, 4 poorten, 2 doorgaande wegen, barakken, werkplaatsen en graanschuren, het adminiMithrasstratief centrum met de kluis in de kelder, de woning van de garnizoenscommandant en het onvermijdelijke badhuis, net als de latrine. In het leger werd een eigen god onder soldaten vereerd: Mithras. Van oorsprong Perzisch. In Iran leeft de traditie nog. Een paar jaar geleden ben ik daar in een sportschool geweest waar men geritualiseerde oefeningen deed met knotsen/zwaarden en schilden.
Boekentips van de week: Stiletto libretto van Bavo Dhooge (een Belg) en De twaalf stoelen van een Russisch duo Ilja Ilf & Jevgeni Petrov (uit 1928!).
Zoektocht naar de ideale cheesecake wordt voortgezet.

Maandag 29 juni 2009

Kunstschouw_2 De eerste week zit er op. De eerste week in Engeland tenminste. Via de Kunstschouw in Haamstede, het -nog steeds gesloten- Musée Art Monderne in Lille, waar ik mijn Piscine ligfiets verkocht aan een gegadigde uit Bretagne (!) en Gravélines met Hollandse roots -heette ooit Greveling omdat ‘onze’ prins Maurits het korte tijd in nam in de strijd tegen de Spanjool-, heb ik eiland als het  ware langzaam beslopen. Maar daarna was ik ook niet meer te houden. Direct na aankomst ‘s-middags nog, hops 2 Romeinse forten. Beide gebouwd eind derde eeuw na Chr. om de uit DuitslGraveling_2and en Zweden overstekende Saksen buiten de deur te houden. Tevergeefs, het zit hier nu vol met Anglo-Saksen. De volgende dag waren Canterbury en Lullingstone aan de beurt. Canterbury is in WO2 enorm gebombardeerd. Zodoende kon men bij haar Romeinse verleden komen. Het museum zit dan ook midden in de stad ergens onder de grond. Alle middeleeuws uitziende bebouwing bovengronds is Lullingstone1 dus fake. In Lullingstone is een villa rustica gevonden, een van de vele in die streek. Het  woon- en badgedeelte staat in een overdekte ruimte. Een vergelijk met La Olmeda (zie 20090511 ) dringt zich op. Geef mij dan maar de Engelse aanpak. Het omhulsel, de hal eromheen ziet er niet uit. De omvang van de villa haalt het niet bij de ware paleizen in het zuiden. Het verschil zit hem in de toelichting bij wat Lullingstone2je ziet en het oog voor details. Zoals de aanwezigheid van christelijke en de oorspronkelijk pantheïstische symbolen naast elkaar in hetzelfde Lullingstone3_2 huis. Ook de kinderen is gedacht; van alles en nog wat kunnen ze er onder leiding van iemand doen.

Me laten -nou ja- verleiden in Lullingstone om een boek te kopen waarin de mensen van het TV-programma Time Team (zie site Chanel4) hun mooiste plekjes tonen. Dat is niet zonder gevolgen gebleven. Het museum in Corbridge nog bezocht. Daarna heb ik enkele van hun Sutton_hoo toplocaties aan gedaan. Te beginnen met Sutton Hoo. Als ik hun motivatie goed leest -en dat had ik natuurlijk niet gedaan- blijkt er niet veel te zien te zijn. De vondsten zijn wel uniek, o.a. bootgraven van in 3 eeuwen tijd ver-Engelste Saksen. Een ervan is niet geplunderd en bevatte een schat aan grafgiften. Gouden sieraden en gespen, soldatenuitrusting en allerhande potten en pannen. Alles van hout is vergaan. Dus ook de schepen (een soort 20 meter lange vikingschepen) zelf. Daarvan resten alleen de klinknagels die de overnaadse planken aan elkaar verbonden. Toch waren de schepen bij de opgraving heel goed zichtbaar door verkleuring van het zand. En natuurlijk de klinknagels die nog op de goede plaats ook in het zand lagen. De skeletten van de begraven mensen zijn idem dito verzand. Het museumpje toont replica’s van de grafgiften. Het grafveld zijn wat heuveltjes. Nog nagemaakt ook, want anders zou er helemaal niets te zien zijn geweest. Na de opgraving is alles weer zorgvuldig dicht gemaakt en zijn de ‘zandschepen’ aan het oog onttrokken. Omdat het zo’n prachtig weer is, ben ik op het terrein van Sottun Hoo gebleven. Lekker in de zon gezeten, mijn waterzak gevuld voor een douche en verder gelezen in de biografie over Gaius Julius Caesar (resp. voornaam, familienaam en groepsnaam). Alleen mannelijke nakomelingen kregen in die tijd een voornaam, veelal die van hun vader. Met een 4de toevoeging, de oudere, schele (strabo) of manke werd dan wel duidelijk om wie het ging. Meisjes kwamen er nogal bekaaid vanaf; alle zussen heten hetzelfde: de vervrouwelijkte familienaam (bij Caesar dus: Julia voor zijn zowel zijn zus als zijn dochter). Om ze uit elkaar te houden, kregen ze een volgnummer… Ik heb de eerste 40 levensjaren uit en begin nu aan zijn roemruchte periode. Die van legeraanvoerder die Gallië onderwerpt. Hij begint daaraan zonder een echt militair verleden. Zijn enige ervaring bestaat uit wat verrassingsaanvallen op die arme Lusitaniërs die ik in Spanje en Portugal ben tegengekomen. Het opjagen van deze oorspronkelijke bewoners -de Golf van Biskaje in- blijkt niets van doen te hebben met de verovering van Gallië, zoals in die landen wordt beweerd. Weer iets geleerd dus. Al lezend moet ik als maar denken aan een Pim Fortuin-achtige figuur. Hij wordt afgeschilderd als een dandy, zeer welbespraakt, enorm ego, volstrekt opportunistische (populistisch), schrijver met literaire kwaliteiten en promiscue bij het leven (legt het aan met elke vrouw van vriend of vijand, een soort overreactie op beschuldigingen van homo-erotische jeugdzonden!?). En tot slot, hij komt ook aan een nogal abrupt einde.

Grimesgraves1_2 Vrijdag Grimes Graves bezocht. De associatie met een grafveld ligt voor de hand. DeGrimesgraves2  honderden kuilen zijn daarvoor wel een beetje groot. Het zijn dan ook resten van ongeveer 10 meter diepe mijnschachten uit de steentijd. Er werd hier om enorme schaal vuursteen gedolven met als belangrijkste gereedschap delen van hertengeweien als pikhouweel. Van de vuursteen, een glasachtig materiaal, werden stukken afgeslagen die konden dienen als mes of bijl. Het gebruik ervan is uitgeprobeerd en dat viel heel niet tegen. Met zo’n bijl was een boom in wip geveld. Een stenen mes is veel scherper dan een stalen. Ze worden danook nog gebruikt bij delicate (oog)operaties. Na 2 uur rijden kom ik aan bij Flag Fen, onder de rook van Flagfen1_2 Peterborough. Het landschap is totaal veranderd. Vanmorgen nog in de bossen, nu waan ik me thuis in Nederland. Uitgestrekte velden zover het oog reikt, doorsneden met sloten en kanalen met dijken. Het is even wennen, dat ze die kanalen hier dykes noemen. Flag Fen was aan het einde van de bronstijd een veengebied met bewoonde hoger gelegen stukken, midden in verder moerassen. In dit soort gebieden worden vaker merkwaardige vondsten gedaan. De luchtdichte laag water met daaronder zure veengrond blijken uitgelezen condities te zijn om bv hout te conserveren of huid te looien. Voor wat hier gevonden is, kanFlagfen2  geen verklaring gegeven worden. Onder water werden meer dan een kilometer lange rijen palen aangetroffen met in het midden een platform van hout, zo groot als 2 voetbalvelden. Over de rijen van 5 palen naast elkaar heeft geen vlonder gelegen. Het was dus geen weg naar dat platform. Maar wat dan? Het heeft er alle schijn van dat het iets ritueels is geweest. Zoals ook elders zijn (gebroken) wapens aangetroffen. Een stukje van de palenrij is blootgelegd en te bezichtigen. 3000 jaar oude boomstammen keurig in het gelid. Al dit merkwaardigs lijkt nog maar een kort leven beschoren. Door verdroging van het land verdwijnt de eeuwenlange bescherming. In bezoekerscentrum lag een wagenwiel uit die tijd. Degene die me rondleidde gaf het nog 20 jaar. Meerdere malen is geprobeerd het te conserveren, echter zonder blijvend resultaat.

De week afgesloten met 2 badhuizen, in Leicester en Wall. Na een paar heel mooie dagen is het wat minder geworden. Het is nog warm maar het regent regelmatig, waardoor het klam aanvoelt. Dit keer maar één probleempje om op te lossen. Waar verkochten ze nou die lekkere lemon cheesecake, van vorige keer. Tesco was het volgens mij zeker niet; bij Sainsbury hadden ze niet precies wat ik zocht. Dan toch Asda? Wordt vervolgd.

Maandag 11 mei 2009

Weer thuis. Het rondje Spanje/Portugal zit er op. Twee en een halve maand op stap geweest. Alles bij elkaar 9587 km afgelegd. Vijf daarvan zijn in de heen- en terugreis gaan zitten.

In 2 vorige afleveringen van mijn weblog is de reis al geëvalueerd. Achteraf gezien heb ik er te weinig tijd voor uitgetrokken. Een heleboel dingen moest ik onderweg maar laten zitten. Dat kan natuurlijk niet! Dus  volgend voorjaar terug? Het is een optie, niet in de laatste plaats vanwege het weer.

Kasteel_xv_eeuwOp de terugreis zou ik nog een castro en een villa aandoen. Het casGrotwoningen_2Poort_palenzuelatro bij Palenzuela heb ik niet kunnen vinden. Overal werd er melding van gemaakt maar niemand, die ik het vroeg, wist waar. Het kunnen heel goed een paar torenhoge muurresten zijn geweest. Het dorp zelf was overigens interessant genoeg. Je waande je er werkelijk in de middeleeuwen. Er woonden zelfs nog heel oude mensen in grotwoningen. (Thuis internet geraadpleegd. Het dorp heeft een heuse eigen website. Er wonen maar liefst 246 mensen. De muurresten zijn – voorzover ik hetSpaans begrijp – midden 15de eeuw. Dus geen castro. Het gekke is dat er ook met geen woord over wordt gerept.)

Villa_la_olmeda_2De villa Overzichtwas er gelukkig wel. Dat kan ook niet missen, die zit opgesloten in een enorme (alweer geroeste) ijzeren kooi. Ook van binnen zag het er bijna futuristisch uit. Nog nooit zo’n keurig opgeruimde en aangeveegde opgraving gezien. Alle muurtjes zijn netjes opgemetseld. Als Kamerpubliek zweef je als het ware boven de opgraving. Her en der worden muren gesuggereerd door middel van vitrages. Een stukje van het atrium is zelfs herbouwd. Er liggen een paar prachtige mozaïeken. In het badhuis was heel goed te zien hoe de gematigd warme ruimte werd verwarmd. Dat gaat weer heel anders dan de hete ruimte. Daar staat de vloer op pootjes opdat de verwarmWarme_ruimte_badhuis_2delucht/rook zo maximaal mogelijk de vloer en wanden kan opwarmen. In de warme ruimte lopen maar een paar luchtkanalen onder de grond door, die vervolgens uitkomen op dunne schoorsteentjes in de hoeken, voor de trek.

Voor mij was het een beetje te, te kil. Ik vraag me ook af of deze aanpakvoor dagjesmensen informatiever is. Zou het dan niet beter zijn alles te herbouwen (natuurlijk niet op dezelfde plaats maar bv ernaast)?

Komendeweken stop ik even met de weblog. Het dient als een soort reisverslag, heel wat anders dan wat zich thuis afspeelt. De bedoeling is eind juni de draad weer op te pakken, als ik in Wales ben aangeland.

Maandag 4 mei 2009

Zaterdagwas de grote dag: Troia zien en dan…. Een beetje verlaat kwamen we aan. Bijna was de lunch erbij ingeschoten. Nou, dat wil wat zeggen in Portugal waar men 2 maal daags een warme maaltijd tot zich neemt. In de aanloop naar Troia wilde ik een paar ovens bezichtigen waar amfora en grote voorraadkruikenKruiken werden gemaakt.Uiteindelijk bij toeval een paar gezien, maar niet op de plek die Ovensaangegeven stond. Uren hebben we rondgereden over kilometerslange zandwegen.

Samen met nog een twintigtal geïnteresseerden zijn we bijna 2 uur lang rondgeleid over de grootste fabriek van vissauzen in het Romeinse rijk. De opgraving ligt op het op het puntje vaneen schiereiland in zee. Men vermoedt dat er veel meer onder het zand en de duinen te vinden is. Waarschijnlijk een hele stad. Maar of dat ooit te redden valt, is de vraag. De continue verplaatsing van de duinen en de afkalving door de zee stellen de Fabriek_vissausarcheologen voor een ondoenlijke opgave. En zo heb ik afscheid genomen van de Romeinen alhier.

Van de week een uitstapje gemaakt naar Beja, een traditioneel links bolwerk. Het stadje ziet er, net als alle plaatsen in Alentejo, ontzettend schoon en verzorgd uit. Dan zie je dat politiek toch iets uit kan maken. Regelmatig sprak ik caravanners, die denken dat dit het rijkste deel van het land is. Terwijl het tegendeel het geval is!

Ik kwam aan op de 25 de Abril, de dag van de Anjerrevolutie van alweer 35 jaar (!) geleden. Vol verwachting op naar het terrein waar de festiviteiten plaatsvonden. In een woord teleurstellend. Een bandje van wat oudere mannen die folkloristisch links vertegenwoordigen. Bij het spelen van Grandola wordt her en der voorzichtig meegezongen. Er zijn dus nog mensen die het liedje, waarmee de revolutie werd aangekondigd, kennen. Het publiek bestond vnl. uit wat oudere mensen. De dertigers zaten even verderop lekker binnen aan de bar. Voor jonge kinderen was van alles te doen, veel van dat opblaas klim- en klauterwerk.1_mei

Dan was de 1 mei-viering in Lissabon heel andere koek. Tienduizenden mensen op straat, in een urenlange demonstratie dwars door de stad. Waar zie je dat nog in Nederland?

Bij Beja staat een van laatste generatie villa rustica’s, uit de 4de eeuw na Chr. Niets is meer over van wat eens wit gepleisterde villaatjes met rode pannendaken waren. De villa is een regelrechte Villa_ruivaburcht geworden. Wat je ziet op de foto is nog maar de begane grond. De eerste etage, waar gewoond werd, is verloren gegaan. Ook hier weer een groot zwembad. De ontwikkeling, van klein naar groot, in 3 eeuwen tijd is helemaal te reconstrueren.

Op de terugweg door Spanje doe ik nog een villa aan. Niet zozeer vanwege de opgraving maar om te zien hoe hier dit stukje geschiedenis voor het nageslacht bewaard wordt. Ik heb foto’s gezien, dat oogt heel spectaculair. En dan is gedaan met de pret. Tenminste voor voorlopig. Want medio juni wil ik weer de draad oppakken in Engeland en Wales. Mijn toegenomen interesse in steen-/brons-/ijzertijd zal daar zeker aan z’n trekken kunnen komen.

Zondag 22 februari vertrok ik uit Nederland. Wat me het meest verbaast, is dat ik sindsdien totaal los gezongen ben van de dagelijkse realiteit. Af en toe dringt een bomaanslag in Bagdad of moeilijke discussies over de aanschaf van een nieuwe straaljager tot me door. Het enige dat ik stelselmatig volg zijn de beurskoersen aan de hand van de benzineprijzen. Mijn wereldontvanger had ik vergeten mee te nemen. Kranten heb ik nauwelijks gekocht; op de meeste plaatsen waren alleen spaans- of portugeestaligeThuiswerk. En in een internetcafé heb je er eigenlijk geen tijd voor. Dan moet je je post afhandelen, weblog bijwerken en meer van dat soort zaken. Waar zou de moderne toerist zijn zonder een eigen werkplek voor onderweg?

De manier van reizen – langs de 3-sterren locaties die ik thuis op internet had voorbereid – heeft goed uitgepakt. Je komt op plaatsen waar je anders van z’n levensdagen niet terecht zou zijn gekomen. Nadeel is dat je wel heel erg van natuur en stilte moet houden. Bijna alle opgravingen liggen wat remote. Op mijn oude dag dreig ik een heuse wandelaar en fietser te worden. Want ik heb wat af moeten zien. Het is maar goed dat het hier weinig regent.

Toen ik vertrok had ik me een voorstelling gemaakt van wat ik in ieder geval mee Fietsenmoesten nemen. Dat is dus geen ligfiets. Leuk voor op vlakke wegen, maar een berg kom je er niet mee op, laat staan een zandpad. Ook heb je geen opblaasboot met buitenboordmotor nodig. Verder heb je van alles te veel bij je. Leuk wat keuze te hebben aan boeken, maar ik zou nu nog 9 maanden weg kunnen blijven. Snoep idem dito. Over de koffie sprak ik al. Kleren… Laat ik het zo zeggen,je wordt wat makkelijker. Je doucht ook niet meer elke dag. Driekwart ligt nog ongebruikt in de kast.

Koken is een hoofdstuk apart. Na jaren verwend te zijn geweest met Tafeltje-dekje, heb ik een oude gewoonte weer nieuw leven ingeblazen. Koken uit pakjes. Je hebt de luxe variant, de dozen met wereldmaaltijden. Veel te ingewikkeld. Met 2 soorten zakjes kan alles! Te weten de Mix kip-kerry en van hetzelfde merk de Italiaanse en onvolprezen Bolognese pastasauzen. Vier ons kipfilet en (daarna) gehakt braden, groente erbij en dan een halve liter water + inhoud pakje. Klaar is Kees. Het geheel verdelen over 8 bakjes, bewaren in het vriesvak en je hebt voor evenzoveel dagen te eten. Wie doet het me na? Sneller en gezonder kan toch niet! Soms doe ik er zo veel groen bij dat nauwelijks nog te bepalen is welke pakje erbij is gegaan.

Tot slot het reismobiel. De caravan voldoet prima qua bewoonbaarheid. Het lijkt alsof ik er steeds beter in pas; in het begin stootte ik me overal aan. Op warme dagen zie je collega-caravanners met daken, deuren en ramen open zitten. Met mijn dikke isolatie en luiken voor de ramen, geen centje pijn. Omgekeerd is het bij koud weer ook zo warm als je de kachel even aanzet. In Engeland wekten de zonnepanelen te weinig stroom op. Hier geen enkel probleem, zelfs op bewolkte dagen is er licht genoeg. Jammer is dat allerlei kleine dingetjes het niet (goed) doen. Bv. spotjes die je niet mag aanraken of ze vallen uit. En dan het gasalarm dat al weken uit staat omdat het te pas en te onpas afgaat.

De auto is een relevatie. Het is geen luxe auto, het blijft een vrachtwagen. Nooit bang geweest ergens niet meer uit te komen. Een paar keer de sper op de achterwielen gebruikt. Hiermee voorkom je dat de wielen aan één kant gaan slippen en al het vermogen wegnemen op de andere kant. Hellingen zijn geen enkelVering_auto probleem meer, ook heel heftige. Maar het mooiste is de verstelbare vering achter. Naar believen kan ik die omhoog en omlaag zetten. En dat is ideaal bij het afkoppelen van de caravan. Poten uitzetten, auto laten zakken en wegrijden. Bij de vorige auto was dat een hele operatie want dan moest je de koppeling over de kogel heen tillen. Nu kom ik ergens aan, koppel de caravan af en heb de auto vrij beschikbaar.

Het enige, echte minpunt is en blijft het geheel. Wat ik destijds in mijn hoofd had, was iets kleins en mobiels. Nou, dat is deze verhuiswagencombinatie niet. Ik heb wat toeren moeten uithalen. Plus je moet continu opletten dat je de bochten ruim genoeg neemt. Aan de andere kant moet ik wel zeggen, ik ben er overal mee gekomen. En dat waren ook onverharde wegen, tot blubbererpartijen toe.

Maandag 27 april 2009

Afgelopen week eigenlijk niet zo erg veel vermeldenswaardigs ondernomen. Nog wat dolmen en een villa rustica bekeken. En tussendoor ook nog een dagje strand gedaan. Dat was het dan ook.

Van villa’s kijken, krijg je nooit geVilla_rustica_pises_2noeg. Iedere keer is er wel iets bijzonders, wat andere net niet hebben. De opzet is overal in grote lijnen identiek. Een privé badhuis (hier links boven). Het huis is georganiseerd rond een atrium (het gat in het dak). Daarom heen is een galerij waarop de belangrijkste (slaap)kamers uitkomen. Afhankelijk van de grootte van een villa waren er meerder atria. Aan deze -zeg maar binnenring- grensden de keuken (in dit geval rechts, zie kleine rondje, de waterput), opslagruimtes enzovoort. Dan kwamen pas de echte bedrijfsruimten, stallen, werkplaatsen, viszouterij, wijn- en olijvenpers en verblijven personeel (zijn niet te zien omdat ze nog moeten worden uitgegraven). Zwembad_2

Het aardige hier is de grote bak op de voorgrond: een veertig meter lang zwembad! Geeft gelijk een idee van de grootte van zo’n villa. Verder was er vlakbij een heus stuwmeer voor de watervoorziening. De helft (honderd meter) van de dam staat er nog.

Ik ben nu in Beja, zo’n beetje midden Portugal. Beja heette in de oudheid aanvankelijk Pax Julia. Dit naar aanleiding van een hier door Julius Caesar gesloten vrede met de autochtone Lusitaniërs. Vreemde vrede overigens die naar een van de partijen wordt vernoemd… Nog gekker is dat de naam van de stad door diverse historici in de loop van de tijd iedere keer anders wordt genoemd. Opeenvolgens: Pax Julia door Ptolomeus, Pax Augusta door Strabo en Colonia Pacensis door Plinius. Ook toen gold al heel duidelijk: wiens brood men eet, diens woord men spreekt.

Over 2 weken ben ik weer terug in Nederland. De laatste week heb ik bijna helemaal nodig om terug te rijden. De ene week die me nog rest, gaat op aan een paar dingen die ik persé wil zien. Waaronder Troia, aan de overkant van de baai bij Setúbal. Zeven jaar geleden heb ik daar voor het hek gestaan: gesloten. Nu was dat weer het geval. Deze site is maar één keer per maand open. Waarom mag Joost weten, maar alleen op de de eerste zaterdag van de maand om 15.00 uur wordt er een rondleiding georganiseerd. Dat is al een verbetering want zeven jaar geleden was ie altijd dicht. Met andere woorden: deze buitenkans mag ik niet laten lopen.

Het begint dus tijd te worden voor een soort terugblik. Ik ging voor de lente en kreeg een zomer naar Hollandse begrippen. Het alleen reizen is me goed bevallen. Af en toe werd ik werd wel gek van mezelf. Ik bleef maar bezig. Dan weer hier naartoe en dan weer daar naartoe. Ik kon niks overslaan, want wanneer ben ik in de gelegenheid hier nog eens terug te komen…? Dat geldt met name als je in de binnenlanden bent. Dat wil zeggen niet aan de kust bent. Want dan ontstaat er een heel ander, veel rustigere beeld. Dan doe je ’s ochtends wat en ’s middags ga je naar het strand. Dat geldt tenminste voor mij. Komt dat even goed uit dat de antieke wereld grosso modo zich rond de Middellandse zee beweegt.

Het reizigers leven speelt zich in hoofdzaak overdag af. Tegen de avond moet je een slaapplek vinden, eten, dagboek bijwerken, foto’s opslaan. En niet te vergeten: plannen maken voor de volgende dag. Nou dan is het zo 23.00 uur. Tijd om nog een boekie te lezen in bed. Geen moment behoefte gehad aan TV kijken. Wat ik wel heb gemist is een wereldontvanger voor het nieuws; had ik klaar gelegd maar vergeten mee te nemen.

Er is nog een reden om er ’s avonds niet op uit te gaan. Dat is gewoon de taal. Na een kwartiertje handen en voetenwerk heb je echt alles met elkaar gewisseld wat er te communiceren valt. Veel culturele zaken blijven daardoor buiten beeld. Nog afgezien dat je daarvoor wat langer op één plek moet blijven; a. om je te kunnen oriënteren en b. maar zelden speelt iets net die avond dat je ergens bent.Stadion_cardoba_2

De hele reis heb ik tot nu toe wild ‘gekampeerd’.  Eén keer heb ik op een camping gestaan, om de was te (laten) doen. Regelmatig was dat echt wild, want dan eindigde ik de dag bij iets in nowhere voor bezichtiging de volgende dag. En nowhere is dan kilometers van de bewoonde wereld aan het eind van een hobbelige, onverharde weg. Nou ja weg, zandpad. Dat waren de mooiste plekjes. Maar meestal sta ik op een stoffig parkeerterrein bij een voetbalstadion annex sportcomplex. Die zijn makkelijk te vinden en zijn er tot in de kleinste plaatsjes. Kolonies medecampers heb ik niet bewust gemeden. De keren dat ik er tussen terecht kwam, is op een hand te tellen. Waarom mensen bij elkaar gaan staan en elkaar ook weten te vinden, is me een raadsel. Onderweg kom je ze regelmatig tegen, hutje aan mutje, in hun blote gat op een stoeltje voor hun woonwagens. Dat dit verschijnsel niet overal even goed (be)valt, merk je aan het toenemend aantal parkeerplaatsen met een toegangsportaal van twee meter vijftig hoog. Eigenlijk is men nergens berekend op deze vlooienplaag van oudjes die van hun vrijheid willen genieten. Formeel mag het ook eigenlijk niet, kamperen buiten een camping. Ik herinner me een plaatsje in de Algarve, op de grens met Spanje, dat een parkeerplaats had aangewezen voor ons soort jongens en meisjes. Daar beheerde een mevrouw tegen betaling een paar douches en er was water en een stortplaats voor het ledigen der poepdozen. Want dat is wel een crime. Het is fantastisch om aan boord naar de wc te kunnen, maar je creëert wel een probleem. Hoe raak die ingeblikte troep weer kwijt.

Dans_rond_de_stort_2 Afgezien van de techniek en het overwinnen van de géne om zo’n koffertje ergens leeg te laten lopen, kan het eigenlijk nergens. Ja, op een camping natuurlijk maar daar komen we uit principe niet. Dus dan maar even snel in een publiek toilet. Echt niet leuk als daar alsmaar mannen in en uit lopen. Kijk, hier zou nou eens iets aan moeten worden gedaan.

Volgende keer wat meer over wat ik allemaal (soms totaal overbodig) met me mee sleur en hoe de auto zich gehouden heeft. Ik had bv. wat 3de wereld koffie meegenomen, nou daar kan ik nog 6 maanden mee toe.

Maandag 20 april 2009

Eerst even terug naar de log van 6 april; ik vroeg toen wat No traslado betekende. Gelijk reageerden een paar mensen, maar ik ben vergeten de vertaling door te geven. De tekst stond overal rond de opgraving in Ita1lica. En komt erop neer dat de omwonenden van Itallica niet verdreven willen worden uit hun huizen. Blijkbaar zijn er plannen om het al immense terrein nog verder uit te breiden; er zit zeker wat bijzonders onder de huizen.Altaar
Volgens de historicus Strabo was ik vorige week aangekomen in het land van de Vertonen. Op zijn reis door het Romeinse rijk onderscheidt hij meerdere volkeren op het Iberisch schiereiland, waar ze net de macht van Carthago hebben gebroken. Vervolgens gaan ze aan de slag met het onderwerpen van de inheemse bevolking. Deze operatie eindigt zo rond het jaar 0 onder keizer Augustus. Bijna alle castro’s zijn hierbij dusdanig vernietigd dat ze daarna nooit meer bewoond zijn geraakt.
Steengroeve
Behalve natuurlijk als ze op een plek lagen die ook voor de Romeinen van strategisch belang was. Wat zelden het geval was omdat de castro’s vanuit een totaal ander perspectief – anders dan het beheren en beheersen vaneen uitgestrekt rijk – tot stand waren gekomen. In Solosancho (probeer dat maar eens op te zoeken op de kaart) het Castro de Ulaca bezichtigd.
Onderaan de berg de auto moeten parkeren en daarna een klimmetje van 500 meter, omhoog! Halverwege kwam ik de sitebeheerder tegen die met andere mensen op de terugweg was. Zonder problemen nam hij mij naar boven op sleeptouw. Honderduit pratend en ik met handen en voeten antwoordend. Hij weet nu dat BadhuisNederland geen bergen heeft met castro’s en 16 miljoen inwoners telt.
Ulaca heeft een nog grotere oppervlakte dan Miranda, maar liefst het dubbele, 70 hectaren ommuurd terrein. Naar schatting hebben er 2500 mensen tegelijk gewoond. Op de keper beschouwd is er niet zo ontzettend veel te zien. Maar toch weer een paar uitzonderlijke dingen: een (rituele) sauna, een uitgehakte offerplaats (ter aanbidding van de berg erachter?) en midden op het castro een groeve, ligt er bij alsof die net verlaten is.
Varkentje
In het museum van Avila – weer zo’n nog geheel ommuurd vestingstad waar de heilige Teresa wordt vereerd – werd alles dat ik de afgelopen dagen heb bekeken, nog eens op een rijtje gezet en toegelicht. In de Stadsmuur_avilastadsmuren (grotendeels Moors) zitten volop hergebruikte stenen uit Cogotas. Van die leuke stiertjes (nooit koeien) zijn er nog veel meer gevonden. De 4 van vorige keer zijn wel de belangrijkste. Ook wilde zwijnen zijn veelvuldig afgebeeld. Is er in de loop van eeuwen eigenlijk wel wat veranderd? Denk aan Us mem in Leeuwarden.
AbtDe hele middag aan een stuk doorgereden naar Alcantara. Om uur of 5 aangekomen,net op tijd om om 6 uur een rondleiding mee te lopen in Convento San Benito. Het was de bedoeling in de 15de eeuw hier een enorme kathedraal te bouwen, midden in ook toen al een heel klein plaatsje. Het is er alleen nooit van gekomen. Het schip van de kerk ontbreekt. Maar aan de hoogte van de abscis valt af te lezen wat men van voornemens was. Als je de schilderijen van de abten ziet, begrijp je ineens het waarom. Ik ben er niet achter kunnen komen met wat voor plannen deze mannen heden ten dagen rondlopen. Dat moet toch niet mis zijn, want waarom laat je je dan zo afbeelden… Het klooster was tot voor kort een ruïne. Na aankoop door de elektriciteitsmaatschappij die de stuwdam naast het stadje runt, is een groot deel opgeknapt. Het wordt gebruikt voor representatie en seminars. Brug_alcantara_2
Omdat de zon begon te schijnen gelijk doorgelopen naar de Romeinse brug. Een fenomenaal stukje werk. Bijna 200 meter lang en maar liefst 70 meter hoog overbrugt ie het dal van de Taag. Nut en functie is onduidelijk; hij maakt geen onderdeel uit van de Ruta del Plata, de belangrijke verbindingsweg van Gijòn (over Oviedo) naar Mérida. Het is jammer dat zo dicht op de brug een torenhoge stuwdam is gebouwd. Zou het een iets met het ander van doenDolmen_1 hebben? De brug wordt nog steeds als brug gebruikt, zelfs door vrachtwagens zag ik. In de 19de eeuw is een van de bogen vernieuwd na een aardbeving.
Al eerder op reis ben ik een paar dolmen tegengekomen. Deze zijn veel ouder dan de castro’s, zo’n 3 of 4000 voor Chr. Nu ik er meer op zoek naar ben, kom ik ze steeds meer tegen. Ik heb 3 routes geselecteerd, daar waar Brug_ajunda_2
er meerdere bij elkaar in de buurt liggen. De eerste was in Spanje
Dolmen_2 in de buurt van Valencia de Alcantara. De tweede in Portugal bij Elvas. Helaas was deze route nog niet open gesteld.. Toch kon mijn dag niet stuk bij het aanschouwen van opnieuw een Romeinse brug over de huidige grensrivier Rio Guadiana, onderdeel van de weg van Mérida naar Olisipo, zoals Lissabon toen heette.

Maandag 13 april 2009

Fietsen in Cordoba is een ramp. Er zijn een paar fietspaden vagelijk getrokken over stoepen, maar dat zijn hoofdroutes door de stad. Daartussen is het één groot eenrichtingsverkeer doolhof, helemaal afgestemd op de auto. Ontheffingen voor fietsers om tegendraads te kunnen rijden, kennen ze niet. Gevolg een hardhandige confrontatie met een automobilist, die met het fenomeen fiets naar het scheen totaal onbekend was. Hij gelukkig de krassen en ik niks. We verstonden elkaar toch niet, dus maar verder gereden.
In de bibliotheek mijn weblog bijgewerkt. Op een andere manier kon er ik er mijn mail niet ophalen. Romeinse_brugTe rade gemoeten bij een van de spaarzame internetcafé’s. Is Cordoba wel een toeristenstad? Hoe moet dat 2016, als ze culturele hoofdstad van Europa is? Wanneer gaan al die mensen eens op Engelse les? Men wist alleen van het bestaan af van Ubuntu maar verkocht wel mini’s met linux… In de buurt van Almodóvar del Campo staan op de kaart ruïnes van Romeinse mijnen, Minas de San Quintin.
DoopvontIk denk dat ik ze gevonden heb, maar er stond geen enkele verwijzing. Het waren merkwaardige rotspartijtjes, zomaar verloren in een verder groen en glooiend landschap. Wat er gewonnen werd, ook redelijk recent nog zo te zien, is me een raadsel. Iets wits, zout of zwavel?
Volgende halte is Granàluta de Calatrava. Hier moet een oppidum zijn uit de bronstijd. Maar er  blijkt meer te zijn. Een opgraving van paleo-, neolithisch, ibericoromano en ga maar door. En een aanduiding van een Romeinse brug. Een eind verderop gevonden, verstopt in het struweel.
Oppidum_granalutaBegeleidend bord in verre staat van ontbinding, nog even en de brug is ook verdwenen.
Somtijds voel ik me een ware ontdekkingsreiziger. Tegen beter weten in door blijven lopen en fietsen en dan beloond worden. Maar ook
Oppidum_granaluta_2 van stommigheden. Weer een keer de bocht te kort genomen. Nu met gevolg linker band van de caravan lek en velg zwaar beschadigd is. Een laag muurtje niet gezien. Daartegenover staat dat achteruit steken steeds beter gaat. Nu dus nog vooruit… De opgraving blijkt inderdaad een allegaartje van alle tijden door en over elkaar. Meeste indruk maken de graven en een doopvont waarin mensen moesten staan, uit de tijd van de Visigoten.
Aan de andere kant, de noordkant van Granàluta is het oppidum uit de bronstijd. Niet aangedurfd de zandweg op te rijden, maar ben gaan lopen. Heuvel op heuvel af. Zag in
elke heuveltop al een potentiële kandidaat. Stug volgehouden en na een half uur sta je dan ineens voor een echt fort. Er is niemand bij, maar er zijn paden aangelegd. Vaak overwoekerd, erg veel publiek trekt het dus niet. Er wordt duidelijk nog verder gewerkt aan reconstructie. Altijd een moeilijke discussie. Als je het niet doet, blijft het voor de meeste mensen een hoop stenen. Doe je het wel, dan kan je flink de fout in gaan. Historische voorbeelden hiervan te over, zoals Evans op Kreta Cervantesen Schliemann in Troje.
In een foldertje over de Ruta de Don Quijote een parque archeologia aangetroffen. Ergens in de buurt van. Er langs gereden en teruggereden, geen bordje te bekennen. Al op weg naar de volgende bestemming staat er ineens een pijl. Weer zo’n zandweg. Fiets gepakt en gaan rijden, Calatrava_la_vieja kom ik na kilometers uit waar ik eerder had gezocht. Staat er wel een bordje maar nauwelijks zichtbaar. Teruggefietst, auto opgehaald, caravan afgekoppeld en met alleen de auto verder gegaan. Intussen ook nog de band verwisseld! Na 8 km rurale, onverharde weg blijkt het parque een van de belangrijkste Moorse forten (alcazar met medina) te zijn die bij de verovering van Spanje de route Cordoba – Toledo moest controleren. Genaamd Qal’at Rabah, verspaansd in Calatrava (la Vieja). Al met al beide keren een heel gezoek maar het resultaat mag er zijn. Dacht dat dat me ook een derde keer zou lukken. Mooi niet. De suppoost van het museum in Daimiel weet mee te vertellen dat het oppidum aldaar  gesloten is na opgravingswerkzaamheden. In het museum Comarcal staat een model. Er blijkt ook aanvullWindmolentjes_2ende info over het oppidum bij Granulata en het alcazar Calatrava la Vieja te zien. Om de dag compleet te maken doorgereden naar Consuegra, te laatste halte voor Toledo, waar de Romeinen een 650 meter lange muur als een soort stuwdam hebben neergezet. Sta voor de nacht naast de arena met hoog boven me de molentjes van Don Quijote. Als je bij Toledo aankomt, valt het zicht op de stad ontzettend tegen. De mooie, El Greco kant ligt net aan de andere kant van de stad. Maar als daar dan ook staat, vergeet je snel de eerste indruk. In Toledo ben ik te gast bij iemand die al tientallen jaren daar woont. Met haar bezoek ik  de stad en een paar van de vele processies die gehouden worden in de paasweek. Processie_2Processie_1Iedere dag is er van alles en nog wat aan lijden te beleven. De een in stilte, de ander met veel kabaal en fanfare-muziek. In het museum Santa Cruz is de archeologische afdeling weer eens voor de verandering gesloten.  Maar er is gelukkig meer te zien. Zoals ergens onder de bestaande bebouwing een stukje romeins badhuis met een Toledoondergronds aquaduct of een hoofdleiding voor de stad net na een waterkasteel. En niet te vergeten een museumpje over de Visigoten in een moskee die na de reconquista kerk werd. Net als in het Mezquita van Cordaba waren de Moorse bogen beschilderd met heiligen (w.o. Christoffel die sinds kort op mijn dashboard prijkt), evangelisten en heel groot het laatste oordeel. Halletje_2Boven Toledo ligt Carranque. Hier is een villa rustica ontdekt waarvan bijna mozaïekvloeren nog intact zijn. Sinds donderdag is het guur en koud. Op mijn rit naar Avila moet ik  door tamelijk hoog gebergte, langs de weg lag zelfs sneeuw. Onderweg een stop  gemaakt bij Toros de Guisando (een voorbij San Martin de Valdeiglesias).Oceanus Ik had geen enkel idee wat dat zou zijn. Des te verrassender is het dan plotsklaps oog in oog te staan met 4 levensgrote, granieten stieren op een rij, maar liefst uit de 4de eeuw. Een praatje gemaakt met een Spaans, ook gepensioneerd lerarenechtpaar dat onderweg was van Valencia naar Santiago vanwege de Santa Semana. Ze konden me vertellen wat een despoblado is: een verlaten dorp. Want daar ga ik er meerdere van bekijken… Nou ja dan, kan leuk zijn. Bij Cardenosa lag het eerste: Despoblado de las Cogotas (gelijknamig aan het aangrenzende stuwmeer of andersom?). Misschien is het wel een dorp dat verzwolgen is? Niets daarvan, het is weer een oppidum, nu uit de ijzertijd. Dat ziet er dus goed voor de komende dagen. Dit keer ben ik met caravan en al de zandweg opgereden. TorosEen gokje dat gelukkig goed uitpakte. De stikdonkere nacht doorgebracht op de hoogvlakte, vlakbij het castro. Zondag en vanmorgen wakker geworden in de vrieskou, niet binnen maar buiten. De ramen van auto waren stijf bevroren. Op naar een ander oppidum, Castro de ‘La mesa de Miranda’ bij Chamartin. Qua oppervlakte veel groter dan het vorige en met een necropool met tumuli. Vandaag nog een in deze streek. Dan ga ik me langzaam naar het  zuidwesten bewegen, richting Portugal.