Maandag 14 mei
Na het publiceren van de vorige weblog de storm in Essaouira getrotseerd. Op het fietsje tegen de wind en stofwolken in. Het stadje, tenminste het oudste, ommuurde deel aan de zeekant, staat genoteerd als werelderfgoed. Het ligt strategisch aan een beschutte baai. Begonnen als eindpunt Phoenicische expansie. V
eroverd door de Romeinen na de gewonnen 3de Punische oorlog. Denk aan de vernietiging van Cartago. We praten dan over 146 BC. In de middeleeuwen een Portugese handelspost. En weer wat later een Arabische marinehaven om de zeerovers uit Agadir mores te leren. Het kan verkeren. Vorige eeuw leken er kansen om een moderne zeehaven te worden. Maar helaas. Bijna een Schiedams verhaal. Daar werden havens gegraven die bij oplevering al onbruikbaar bleken omdat de groter gegroeide stoomschepen er niet meer in pasten. Hier was het ondoenlijk om de diepgang van de vrachtschepen bij te benen. Wat rest is een vissershaven. Veel roestige, middelgrote trawlers maar nog veel meer kleine, open, houten bootjes. Dat ze daar de oceaan mee op durven. Hoe lang dat stand zal houden is de vraag. De stadsuitbreiding oogt als een mondaine badplaats. Het strand is al aangepakt, een volledig gesteriliseerde vlakte. Weg duinen, plats een 50 meter brede relax boulevard Zo doe je dat.
Woensdag 16 mei
Geef mij maar Oualidia. Eens een vissersdorpje, verscholen in de duinen. In de 30-er jaren, onder de Franse bezetting opgepimpt om ruimte te bieden aan verkoelingzoekers. De hele dag circuleerden er mensen op brommertjes om van alles aan te bieden.
In het bijzonder oesters en dat soort lekkernij. Ik heb me er niet aan gewaagd. Hoe lang zou dit oude mannetje al rondlopen met die mandjes? Mijn buurman wat verderop had er minder moeite mee. Zelf heb ik me een tajine laten bezorgen. En dat gaat dan niet in zo’n lullig plastic bakje. Hij zou de pot de volgende dag komen ophalen. Op de stoep achtergelaten; een half uur na de afgesproken tijd was ie er nog niet.
Donderdag 17 mei
Tussenstop in Safi, een echte stinkende, rokende industriestad. Moest effe bijkomen van een rit over een ongelooflijk beroerde kustweg. Totaal aan barrels gereden. Meer gaten dan asfalt. Mijd de R301, mocht je ooit in de verleiding komen omdat de kust zelf prachtig is.
Vrijdag 18 mei
E
l Jadida, een beetje hetzelfde verhaal als Essaouira. Geldt eigenlijk voor alle kustplaatsen. Mooie foto’s gemaakt van gelovigen rond de moskee met de minaret gebouwd bovenop de transen van het Portugese kasteel. Allemaal mislukt, in mijn zak was de basisinstelling van het toestel verschoven. Zag het pas later toen ik een ondergrondse cisterne op de gevoelige plaat ging vastleggen.
Zondag 20 mei
Casablanca, zeg maar het Rotterdam van Marokko. Wel 5 keer zo groot. Op weg er naar toe voltrok zich een kleine ramp. Mijn vouwfiets vloog van de auto. Zeker niet goed vastgezet. Ik zag het gebeuren in m’n achteruitkijkspiegel bij het nemen van de zoveelste hobbel. Nog mazzel dat ie niemand anders raakte in z’n vlucht. Voorvork verbogen, niet meer mee te rijden. Sinds gisteren heeft zich weer een nieuw euvel aangediend, de auto begint steeds meer naar rechts te trekken als je het stuur loslaat. Wat zou er nou weer aan de hand zijn? Toch nog van alles kunnen bekijken. De enorme Hassan II moskee natuurlijk. Jammer genoeg niet van binnen. Vanwege de ramadan zijn de bezichtigingsmogelijkheden heel beperkt. Heel bijzonder vond ik het Quartier des Habous.
Een in de Franse tijd gebouwde souk om de instroom van nieuwkomers van buiten de stad een meer ‘natuurlijke’ habitat te bieden. Ik denk met hetzelfde idee als tuindorp Vreewijk bij ons. Tegen de avond een plekje in de buurt van de Iveco garage gezocht (1 van de 3 in heel Marokko). Zo maar in een zijstraatje op een industriegebied. Uren staan praten met een bewaker. Over van alles en nog wat. Stond wel even vreemd te kijken toen hij vertelde over z’n werk. 7 dagen in de week 12 uur lang van 7 tot 7 zit ie daar in een piepklein hokje voor een maandwedde van 1500 dirham (nog geen 150 Euro!). Kon daar natuurlijk niet van rond komen. Zijn kinderen moeten bijspringen. Zelfs de jongste die met een beurs voor ingenieur studeert in Parijs.







In Icht diende zich weer verschillende mogelijkheden aan om op zoek te gaan naar rotstekeningen. Deed op de camping voor de zekerheid even navraag of deze met mijn auto bereikbaar zijn. Antwoord: niet te doen. Een gids zou nog wel te vinden zijn, alleen die had ook geen geschikte auto. Onjuiste informatie overigens. ‘s-Avonds op internet zag ik dat vlakbij ze vanaf de weg aan te lopen zouden zijn geweest. Een beetje droef gestemd gelijk maar besloten de kust weer op te zoeken. Met de woestijn had ik het wel gehad. Niet wetende dat de grote verrassing me nog te wachten stond. Zo maar uit het niets langs een kilometers lange kaarsrechte weg een bord. Pas na een paar honderd meter begon het tot me door te dringen wat er op stond. Auto langs te kant gezet en teruggelopen om te gaan kijken. Goh, toch nog rotstekeningen…? Ja, daar ergens helemaal in de verte een paar huisjes. De piste er naar toe leek me redelijk begaanbaar. Auto afgekoppeld en er op af. Staat er zelfs een mannetje voor de deur van een van de gebouwtjes. Blijkt het een soort museumpje te zijn met info over de site. Precies waar ik op zoek naar was. De plek heet Tamghilt N’zerzem en bestaat uit een lange rotspartij van verbrokkeld, zwart lava gesteente. Restanten van een vulkaan(uitbarsting) wat verderop. Met wat gebaren maakt de bewaker me duidelijk dat ik mee moet komen en dat ie me wat wil laten zien buiten. Het begin van een twee uur durende klauterpartij. Na de eerste heuvel dacht hij dat ik het wel gezien had. Inmiddels was er nog een collega bij gekomen en die wees op de volgende heuvels. Had al een paar aardige rotstekeningen en een grafheuvel te zien gekregen. Maar wat volgde was onvoorstelbaar. Overal waar je keek tekeningen van olifanten, reebokken, koeien(?), struisvogels, neushoorns en giraffen. Moet 6500 jaar geleden d’r heel wat groener uitgezien hebben dan de dorre, kale vlakte dat het nu is. Na afloop van de rondleiding werd thee aangeboden. De grote kaars die de gids in de lucht houdt, is suiker. Hele brokken verdwenen in dat kleine potje. Was goed te merken.
Vrijdag 11 mei
Zou opsturen vanuit NL niet sneller zijn? Me laten overtuigen. Dinsdag zat na een paar uur sleutelen de zaak weer elkaar. Even verderop zag ik dat het nog simpeler kon in de mobiele smederij. Een nachtje overgebleven aan het strand. Weg van de verkeersweg tegenover de garage, waar ik al die tijd in de caravan had doorgebracht, met één been in de lucht. De zwerfhond herkende me gelijk; heeft lekker uit wind achterop de auto van zijn nachtrust kunnen genieten. En dan de proef op de som: houden de spullen het. Op weg.
In Tiznit na 40 km nog wat inkopen gedaan. Schrok me dood bij terugkomst. Zag de caravan van verre al scheef staan. Pfff, maar een lekke band. Scheur in het loopvlak. Denk als gevolg van een mijn rough rides. Tweede nieuwe band. Vorige was ter ziele gegaan bij de pech onderweg. Tafraoute weten te bereiken. Ligt ergens hoog in de bergen. Wel wat rustiger aan gedaan.
Beland op een totaal verlaten overwinterkampeerterrein (kijk maar eens op Google Earth). Wat mensen hier maandenlang te zoeken hebben, is me een raadsel. De omgeving is inderdaad prachtig. Blijkbaar raak je nooit uitgewandeld.
Eerste rotstekening mogen aanschouwen. Bijna echt. Het origineel was nauwelijks te zien. Daarom is voor het gemak een kopie op de aangrenzende wand gezet
In de keuken bewaar je toch niet alles op de grond? Hij wist ook niet meer precies. De mooie pot met touwen werd/wordt? gebruikt om melk te karnen.
Die nagetekende gazelle, het zou wel eens de enige rotstekening kunnen zijn die ik te zien krijg! Bij Akka een poging gewaagd een piste op te gaan. Na 6 km een km voor de eerste rotstekeningen durfde ik niet meer. Was al een keer een verkeerde ‘weg’ ingeslagen. De zon
‘s-Avonds weer de kachel aan en regen. Ben vanuit het zuiden naar Marrakech gereden. Weinig oog kunnen hebben voor heuvels en dalen. Wat een rampenweg. Men is bezig het oneindig aantal haarspeldbochten te verminderen en de smalle weg 3-baans te maken. Armen mensen die er langs wonen. Moeten nog heel wat jaren stof (wat er toch al rijkelijk aanwezig is) happen. Onderweg de Atlas filmstudio’s
Een beruchte scene uit de film Gladiator waarin de hoofdpersoon voor z’n leven moet vechten in het rondtrekkend circus, is niet daar opgenomen maar in de wadi El Maleh met op de achtergrond de kasbah (geen ksar meer) Ait Ben Haddou. Mooi plaatje van bovenaf kunnen schieten. Geeft een goede indruk hoe zo’n dorpje in elkaar steekt. Zeg maar een ommuurde verzameling familiehuizen, die er elk weer uitzien als een kleine vesting.
‘s-Avonds genoten van de heksenketel op het Djemaâ El Fna-plein. Overdag gebeurt er ook van alles. Maar tegen etenstijd worden alle eettentjes weer opgebouwd. En verzamelen zich de acrobaten, kermisklanten, slangenbezweerders, handlezers en muzikanten in alle maten en soorten. De paar jongens op de foto zitten de vellen van hun trommeltjes op te warmen (worden ze zeker wat strakker van). 
De koningsgraven van de dynastie Saädiers zijn pas een eeuw geleden herontdekt. Hun opvolgers, de Alouieten (Hassan V stamt van hen af), hadden rond 1700 de hele omgeving laten dichtmetselen en daardoor waren ze in de vergetelheid geraakt. De talloze moskeeën zijn helaas voor o.a. christenhonden en atheïsten verboden terrein, waar heel strikt de hand aan wordt gehouden.
n mee weggevluchte Joden, die evenmin welkom waren in het door de reconquista heroverde Spanje.
Nu is de schade ook niet mis maar nog repareerbaar. Maandag moet blijken of in de buurt nieuwe onderdelen te verkrijgen zijn. Alle lof voor de ANWB. Eén telefoontje en 2 uur later stond een oplegger klaar om me van de weg te halen en naar een garage te brengen. En wat voor garage. Een donker zwart hol waar net zulke met olie bevuilde mannen rondwaren. Ben benieuwd. Dit alles speelde zich af vlakbij Mirleft. Had de zeekant opgezocht.
Eigenlijk was ik weer op weg naar het binnenland, naar Tafraoute. Van de zee niet veel kunnen zien. De hele kust was in nevelen gehuld. Daar kwam vandaag plotsklaps een eind aan. Volop zon maar met een koude noorden wind. Echt geen strandweer. Daarom een tochtje met de auto gemaakt, naar een paar rotsbogen in zee.
Ze zeggen dat de ribbels de auto minder martelen je snelheid maakt. Ik weet niet hoe ik het voor elkaar krijg, maar ook hier sta ik weer in m’n piere eentje. Het hotel biedt alle comfort en heeft 2 prachtige zwembaden. Voor in de namiddag hè. Ik heb het nog nergens zo druk meegemaakt. Het is een aan en af rijden van 4×4-auto’s die een betaald ritje door de duinen maken. Achter me staan de kamelen klaar voor vertrek. Op de heenweg leefden zich jongvolwassenen uit in wedstrijdverband met pisterijden op motoren en buggy’s. Net wat onvermijdelijke fotootjes gemaakt bij ondergaande zon. Kwam er achter dat het eigenlijk niet meer dan een smal rijtje zandduinen is. Erachter begint gewoon weer de eindeloze steenslag vlakte. Nou ja, het kan niet overal Haamstede zijn…
Het
Het hazenpad gekozen. Het was niet te doen. Blijkbaar midden in het hogedrukgebied, bladstil. Zelfs de kamelen lagen d’r voor pampus op hun zij bij. Dan kan een dag lang duren. Want wat moet je hier verder? De hele dag bij het zwembad zitten? Ik heb nog zo’n uitstapje gepland staan. Ga dat maar overslaan, denk ik. Weet ik wel zeker.
Bij Fezna gezocht naar het museum dat meer zou vertellen over het watervoorzieningssysteem middels qanaten. Niet gevonden. Wel een van de commerciële tentjes bezocht en een stukje gewandeld in het ondergronds kanaal waar vroeger water door stroomde. Allemaal door mensenhanden gemaakt, zeker 1000 jaar geleden al!
Ik bezocht de oude moskee Ikelane die langzaam maar zeker zijn oude vorm weer krijgt. Het is de vraag of Allah het behaagt. Recentelijk was er de bliksem ingeslagen. (Lees:
Tegen de avond ging de wind liggen. Vanmorgen was het meer zich van geen kwaad bewust.
De straatjes in de medina zien er hier net weer wat anders uit. De koranschool Medersa Bou-Anania zit ergens in de souk verstopt, toegankelijk via een nietig poortje. Geen echte bezienswaardigheid was de graanschuur uit dezelfde vervlogen tijden. Wel indrukwekkend. Even overwogen een nachtje over te blijven. Toch maar verder gegaan, op weg naar wat warmte. In het donker bereikte ik Azrou aan de voet van het Atlasgebergte. 
Wakker geworden in de sneeuw! Bleef zo de hele over/doorsteek van het Atlasgebergte. En warempel aan de andere kant scheen de zon.
Om even later van bovenaf vanaf de hoogvlakte de groene slang in de diepte te zien liggen. De totaalindruk van het landschap roept alleen maar associaties op met de maan. Eén beige wildernis. Al sinds mensenheugenis is leven alleen mogelijk nabij de rivier. Daar liggen dan ook al die langzaam aan wegsmeltende kasbah’s (versterkte dorpen) en ksour (vestingen/paleizen).
Een tweetal met in het centrum een voormalig paleis, worden in oude glorie teruggebracht. Naar ik inschat een zeer moeizaam proces. Immers d’r wonen allemaal mensen in die zich stukken hebben toegeëigend als onderkomen.
Wel heel erg eenzaam op een totaal verlaten parkeerplaats voor zeker 1000 auto’s. Toch maar een camping opzoeken? Laat ik het een avondje aanzien. De volgende dag kreeg ik gezelschap van 2 Fransen, dus…
an gemiddeld 40 km/uur gaat het niet. Aangeland op de eerste camping. Een grote modderpoel, bijna in de wolken. Het is buiten guur en het heeft veel geregend. Leuk stadje Chefchaouèn. Zelfs hier colonnes Chinezen. De camping staat vol met reislustige Italianen, ook gezellig met elkaar onderweg. Ik ben benieuwd wanneer ik de NL-ers tegenkom; ik rij ongeveer hun route maar dan in omgekeerde richting.
Mooie opgraving maar slechte toelichtingen ter plekke. Stad leefde van de olijfolie. Heel lucratief want dat spulletje gebruikten zo overal voor, van je wassen tot koken en verlichting. Het deel van de binnenstad met enorm luxe woningen is bloot gelegd. Feitelijk een soort herenboerderijen. In allemaal zijn olijfpersen aanwezig. Hopelijk geeft het fotootje een indruk van zo’n pers. Helemaal rechts de 4 gaten waarop een houten juk stond dat een lange arm vasthield.
Deze werd naar beneden aangetrokken door de een ronde steen links, als tegenwicht. Op de vierkante vloer in het midden werden de olijven gelegd. Via de goten er om heen stroomde de olie naar het verzamelbasin daarachter.
Nadat de stoet met kruis en al bergop was getogen, hield iedereen het wel voor gezien. De afdaling met en tableau de kruisafname van de here Jezus ging op in een feestgedruis. Een soort misplaatst carnaval. Het duurde ook wel heel lang en een gure wind blies door de hoofdstraat. Moeders haalden hun met puntmuts verklede kinderen uit de rij, mee naar huis. Heb het ingetogener meegemaakt in Toledo en Trapani/Sicilië. 
Leefde van de visvangst en -verwerking tot een smerige sausje (garum) waar de Romeinen verzot op waren. Daags daarop een verfrissende duik in de Atlantic genomen. Het was de eerste stralende dag zonder windkracht storm. 
Eigenlijk had ik al eerder de terugreis willen aanvaarden. Het thuisfront waarschuwde me echter voor grote files in dit weekend van van vakantie terugkerende Fransen. Hoorde dat de aanschuiftijd voor Bordeaux 5 uur bedroeg. Vandaar nog maar wat leuke bestemmingen uit mijn onuitputtelijk lijst geplukt (zie tabs onder kop weblog). Zo kwam ik in de Rioja terecht. Wondermooie, lieflijke streek, heuvelachtig ingeklemd tussen 2 bergketens. Een grote wijngaard. De dagen die ik er doorbracht, was het weer eens moordend heet (37/38
Standplaats was San Vicente de la Sonsierra. Een oud vestingstadje. Nu helemaal gericht op zich indrinkende toeristen. Die er overigens nauwelijks waren. Ik stond ergens beneden op een grasveldje bij de Ebro. Vlakbij een waterstation waar boeren met tankwagentjes langs kwamen. Een boete van 

Ik kan het niet laten een paar plaatjes bij te voegen. Op een ervan is goed te zien dat er stevig geknutseld wordt aan die dingen. De opstaande stenen hebben de neiging om te vallen door druk van buitenaf.
Van La Hoya laat ik een paar grafstenen zien. Een gebruik dat dus al teruggaat eeuwen voor Christus.
onderdelen als bad-/woonhuis en markt.
Te weten: de stuwdam van een stuwmeer, waterberging en een zgn. waterkasteel waar het water verdeeld werd naar belangrijkste afnemers w.o. het badhuis.En niet te vergeten het zebrapad.